€ 24.99

Samenvatting Wft Vermogen 2017

Deze samenvatting van Wft Vermogen is een uitgebreid, maar makkelijk door te lezen document, geba-seerd op de door het College Deskundigheid Financiële Dienstverlening (CDFD), namens de minister van Financiën, samengestelde toetstermen en toetsmatrijs. In deze samenvatting zijn, naast de (fiscale) bedragen, normen en percentages voor 2017, ook de (fiscale) bedragen, normen en percentages van 2016 opgenomen. De inhoud is voorzien van hyperlinks, zodat u gemakkelijk door het document kunt navigeren.De samenvatting zal regelmatig worden bijgewerkt, omdat de financiële wereld doorlopend in beweging is.


Ask questions about the document or view comments (0)
Preview (10 of 275 pages)
Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017 Preview: Samenvatting Wft Vermogen 2017

Download all 275 pages for € 24,99

Buy this documentAdd document to cart

Wet op het
financieel toezicht

Vermogen
Samenvatting 2017


Voorwoord:
Deze samenvatting van Wft Vermogen is een uitgebreid, maar makkelijk door te lezen document,
gebaseerd op de door het College Deskundigheid Financiele Dienstverlening (CDFD), namens de minister
van Financien, samengestelde toetstermen en toetsmatrijs. De inhoud vervangt niet het door uw
opleidingsinstituut aangeboden studiemateriaal, maar draagt zeker bij aan een goede voorbereiding op het
examen Wft Vermogen.
In deze samenvatting zijn, naast de (fiscale) bedragen, normen en percentages voor 2017, ook de (fiscale)
bedragen, normen en percentages van 2016 opgenomen. De inhoud zal regelmatig worden bijgewerkt,
omdat de financiele wereld doorlopend in beweging is.
De inhoud is voorzien van hyperlinks, zodat u gemakkelijk door het document kunt navigeren.
Ik ben mij er van bewust dat ik een betrouwbare samenvatting moet verzorgen. Niettemin kan ik geen
aansprakelijkheid aanvaarden voor onvolledigheden en/of onjuistheden die eventueel in dit document
voorkomen.

maart 2017
Marjanne Eisinga

Samenvatting Wft Vermogen 2017


Inhoudsopgave: (klik op de titel van het (sub)hoofdstuk om het te lezen)
Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 6

Hoofdstuk 7

Hoofdstuk 8

Voorwoord

Blz. 2

Levensverzekeringen algemeen, deel 1:
1.1. Risicoverzekeringen
1.2. Spaarverzekeringen
1.3. Combinatieverzekeringen
1.4. Extra bij te sluiten verzekeringen
1.5. Besluit van 20 december 2011, n.a.v. het onderzoek naar woekerpolissen
Levensverzekeringen algemeen, deel 2:
2.1. Sterftekans
2.2. Intrest
2.3. Kosten
2.4. Winstdeling
2.5. Premiebetaling
2.6. Aanvragen van een levensverzekering
2.7. Verzwijging
Levensverzekeringen algemeen, deel 3:
3.1. Rechten van de verzekeringnemer
3.2. Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft)
3.3. Zorgplicht en informatieplicht
De particuliere client en de inkomstenbelasting:
4.1. Box 1: Belastbaar inkomen uit werk en woning
4.2. Belastingtarieven inkomstenbelasting 2016 en 2017
4.3. Box 2: Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang
4.4. Box 3: Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen
4.5. Kapitaalverzekering in de inkomstenbelasting
De particuliere client en het kortlevenrisico:
5.1. Wettelijk erfrecht
5.2. Algemene nabestaandenwet (Anw)
5.3. Erfbelasting
De particuliere client en het langlevenrisico:
6.1. Het systeem van oudedagvoorziening
6.2. Algemene Ouderdomswet (AOW)
6.3. Lijfrente
6.4. Lijfrentepremieaftrek
6.5. Expiratie (afloop van de termijn/betaling levensverzekering)
6.6. Verboden handeling
6.7. Banksparen
De particuliere client koopt een woning:
7.1. Aankoop van een woning
7.2. Kapitaalverzekering Eigen Woning (KEW)
7.3. Imputatieregeling
7.4. Weduwe- of partnerverklaring
7.5. Aankoop van een tweede woning
7.6. Hypotheeksparen
7.7. Overgangsregels
Sociale zekerheid en bedrijfsspaarregelingen:
8.1. Sociale verzekeringen en sociale voorzieningen
8.2. Wet Uitbreiding Loonbetalingsplicht voor Zieke Werknemers
8.3. Wet Werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA, IVA en WGA
8.4. WAO
8.5. Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen
8.6. WW en werkeloosheid
8.7. Spaarloonregelingen en levensloopregelingen

Blz. 8

Samenvatting Wft Vermogen 2017

Blz. 15

Blz. 22

Blz. 28

Blz. 39

Blz. 43

Blz. 50

Blz. 57


Hoofdstuk 9

Hoofdstuk 10

Hoofdstuk 11
Hoofdstuk 12

Hoofdstuk 13

Hoofdstuk 14

Hoofdstuk 15

Hoofdstuk 16

De ondernemer en het pensioen voor de werknemer:
9.1. Pensioenwet (PW)
9.2. Pensioenuitvoerders
9.3. Pensioenovereenkomst
9.4. Soorten pensioenovereenkomst
9.5. Uniform Pensioenoverzicht (UPO)
9.6. Wet VUT, Prepensioen en Levensloop (Wet VPL)
9.7. Netto Pensioen/netto lijfrente
9.8. Bijzondere onderwerpen
De werknemer en de diverse pensioensystemen:
10.1. Pensioengevend salaris, AOW-franchise en pensioengrondslag
10,2. Berekening ouderdomspensioen, weduwe- of partnerpensioen en wezenpensioen
10.3. De pensioensystemen en salarisveranderingen
10.4. Soorten pensioenovereenkomsten
10.5. Fiscale staffeltafels
10.6. Pensioenfinanciering 40-deelnemingsjarenpensioen
10.7. Arbeidsongeschiktheidspensioen
10.8. Pensioenwet en rechten voor de werknemer
Pensioenleidraad:
11.1. Adviestraject voor een pensioenadviseur in het kort
De werknemer en het pensioentekort:
12.1. Ontslagaanspraak
12.2. Pensioenbreuk
12.3. Waardeoverdracht
12.4. Onvrijwillig ontslag
12.5. Echtscheiding
De zelfstandige ondernemer en zijn oudedagvoorziening:
13.1. Lijfrentepremieaftrek
13.2. Beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling
13.3. Oudedagreserve (OR)
13.4. Beeindiging van een bedrijf
13.5. Belastingclaimverzekering/Verzekerd kapitaal
De directeur-grootaandeelhouder (DGA) en zijn oudedagvoorziening:
14.1. De beloning van de DGA
14.2. De DGA en de Pensioenwet (PW)
14.3. Pensioenberekening DGA
14.4. Pensioen verzekeren bij een professionele verzekeraar
14.5. Pensioen in eigen beheer (tot en met 31 december 2016)
14.6. Pensioen-bv (tot en met 31 december 2016)
14.7. Afschaffing pensioen in eigen beheer per 1 januari 2017
14.8. Werkgeversheffing bij excessieve backservicepremies
Leidraad zorgvuldig adviseren over vermogensopbouw:
15.1. Het adviestraject
15.2. Dienstverleningsdocument
15.3. Informatieformulier/inventarisatieformulier
15.4. Adviestraject voor financiele dienstverleners/adviseurs in het kort
Professioneel en integer gedrag:
16.1. Vertrouwensverlies
16.2. Integriteitsoorten
16.3. Integer gedrag
16.4. Integere bedrijfscultuur
16.5. Gedragscodes
16.6, Fraude
16.7. Sancties

Samenvatting Wft Vermogen 2017

Blz. 65

Blz. 72

Blz. 82
Blz. 88

Blz. 94

Blz. 100

Blz. 106

Blz. 110


Hoofdstuk 17

Hoofdstuk 18
Hoofdstuk 19

Hoofdstuk 20

Hoofdstuk 21

Hoofdstuk 22

Hoofdstuk 23

Hoofdstuk 24

Risicoanalyse:
17.1. Risicos
17.2. Risicostrategieen
17.3. Risicos adviestraject vermogen
17.4. Risicos pensioenadviestraject
Financiele analyse

Blz. 115

Rechtspersonen en ondernemingsstructuur:
19.1, De verschillende ondernemingen
19.2. Jaarcijfers/jaarrekening
19.3. Begrippen resultatenrekening en balans
19.4. Financiele kengetallen
19.5. De DGA en de belastingheffing
19.6. Fusie en overgang ondernemingen
Vaardigheden adviestraject:
20.1. Kennismaking
20.2. Beeldvorming/inventarisatie
20.3. Oplossing
20.4. Slechtnieuwsgesprek
ICT-toepassing:
21.1. De fasen van het adviestraject in relatie met het softwareprogramma
21.2. De AFM en het gebruik van software
21.3. Afsluiting
Autoriteit Financiele Markten (AFM):
22.1. Vergunningverlening door de AFM
22.2. De AFM-toezicht op beleggingsinstellingen
22.3. De Financiele Bijsluiter (FB)
22.4. Essentiele beleggingsinformatie (EBi)
22.5. Ondernemingsregisters AFM
22.6. Effectenrecht
De Nederlandse Bank (DNB):
23.1. Banken
23.2. Beleggingsinstellingen
23.3. Uitvoerend toezicht voor beleggingsinstellingen
23.4. Aanwijzingsbevoegdheid
23.5. Benoeming curator
23.6. Bestuurlijke boete
23.7. Last onder dwangsom
23.8. Beleggerscompensatiestelsel (BCS) en Beleggerscompensatiefonds
23.9. Depositogarantiestelsel
De financieel adviseur:
24.1. Wet implementatie richtlijn markten voor financiele instrumenten (MiFID)
24.2. De MiFID en het Nationaal regime
24.3. Tussenpersonen en financiele ondernemingen
24.4. Uitvoeringsrichtlijn MiFID en provisie
24.5. Beleggingsadviseur c.q. verbonden agent
24.6. Leidraad aanbevelingen zorgvuldig beleggingsadvies en vermogensbeheer
24.7. Leidraad informatie over risicoprofielen
24.8. Beloningsregels
24.9. Leidraad passende provisie beleggingsondernemingen

Blz. 124

Samenvatting Wft Vermogen 2017

Blz. 119

Blz. 132

Blz. 135

Blz. 137

Blz. 143

Blz. 149

Hoofdstuk 25

Hoofdstuk 26

Hoofdstuk 27

Hoofdstuk 28

Hoofdstuk 29

Hoofdstuk 30

Clienten:
25.1. Informatie
25.2. Clientenprofiel en clientendossier
25.3. Zorgplicht
25.4. Beleggingshorizon
25.5. Risicoprofiel van de client
25.6. Portefeuilles
25.7. De emotie van de client
25.8. Typen beleggers en hun kenmerken
Beleggen:
26.1. Beleggingsrisicos
26.2. Aandelen
26.3. Obligaties en converteerbare obligaties
26.4. Duration
26.5. Beleggingsfondsen
26.6. Indices
26.7. Indextracker/Exchange Traded Fund (ETF)
26.8. Hedgefondsen/Private-equityfondsen
26.9. Contract for difference (fondsen met een hefboomconstructie)
Vermogensbeheer:
27.1. High frequence trading (hft)
27.2. Beleggingsmethoden
27.3. Vermogensbeheer en de eisen aan de vermogensbeheerder
27.4. Vermogensmarkt
27.5. Portefeuillebeheer
27.6. Portefeuillerisico, diversificatie en correlatie
27.7. Asset-allocatie
27.8. Spreiding van beleggingscategorieen
De economische kringloop:
28.1. Economische kringloop
28.2. Conjunctuur
28.3. Macro-economie en macro-economische grootheden
28.4. Kapitaal- en geldmarkt
28.5. Rente
28.6. Inflatie en inflatiesoorten
28.7. Monetair beleid (monetaire politiek) en monetaire instrumenten
28.8. De overheid
28.9. Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB) en de Europese Centrale Bank (ECB)
Rekenmodellen:
29.1. Rendementsberekeningen
29.2. Standaarddeviatie en waarschijnlijkheidspercentage
29.3. De kromme van Gauss/de normale verdeling
29.4. De Sharpe-maatstaf/-ratio
29.5. De Treynor-maatstaf/-ratio
29.6. De Jensen-maatstaf/-ratio
29.7. Capital Asset Pricing Model (CAPM) en Capital Market Line (CML)
29.8. Kosten bij beleggen
Bijzondere beleggingsproducten:
30.1. Futures
30.2. Indexfonds
30.3. Opties
30.4. Duurzaam beleggen
30.5. Scheepvaart-cv en vastgoed-cv
30.6. Onroerendgoedbeleggingen
30.7. Garantieproducten en gestructureerde producten
30.8. Beleggingsobjecten
30.9. United-linked-beleggingsverzekering

Blz. 156

Blz. 162

Blz.171

Blz. 178

Blz. 186

Blz. 197

Bijlage 1

Antwoorden rekenopgaven

Blz. 207

Bijlage 2

Antwoorden kennisvragen

Blz. 224

Bijlage 3

Overzicht rekenformules

Blz. 250

Bijlage 4

Lijst met afkortingen

Blz. 255


Hoofdstuk 1
Levensverzekeringen algemeen deel 1
(klik op de titel van het (sub)hoofdstuk om terug te keren naar de inhoudsopgave)

Redenen voor het sluiten van een levensverzekering:
a. Voor de verzorging van de uitvaart
b. Voor de zorg van de nabestaanden voor het geval men niet oud wordt
c. Voor het aanvullen van het inkomen in geval men oud wordt
d. Voor het bijeenbrengen van een kapitaal voor het aflossen van schulden
e. Voor het beschikbaar hebben van een kapitaal voor andere doeleinden
Onzekerheid:
Er dient bij het afsluiten sprake te zijn van onzekerheid. De onzekerheid bestaat voor de
verzekeringsmaatschappij uit het feit dat niet bekend is wanneer iemand overlijdt, of er berhaupt een
uitkering wordt gedaan en hoe hoog de uitkering zal zijn. Voor de klant bestaat deze uit het feit of er een
uitkering wordt betaald, hoe hoog de uitkering zal zijn en hoe lang de premies voldaan moeten worden.
De Wet op het financieel toezicht (Wft) bepaald dat een uitkering bij overlijden (geredekanscriterium):
o Gedurende de gehele looptijd steeds 10% lager moet liggen dan de opgebouwde waarde van de
verzekering (nadeel: de verzekeringnemer ontvangt 10% minder dan hij heeft opgebouwd) of
o Gedurende de eerste helft van de looptijd plus een dag moet de uitkering 10% hoger liggen dan de
waarde; gedurende de rest van de looptijd mag de uitkering wel gelijk zijn aan de opgebouwde waarde
(voordeel: de verzekeringnemer ontvangt 10% meer dan hij heeft opgebouwd)
Wijze van uitkeren:
o Kapitaaluitkering: Het verzekerde bedrag wordt in n keer uitgekeerd. Bijvoorbeeld als n van de
partners komt te overlijden kan de hypotheek grotendeels of in zijn geheel worden afgelost.
o Rente-uitkering: Het verzekerde bedrag wordt in termijnen uitgekeerd. Bijvoorbeeld om het tekort wat
ontstaat tussen de vroegere looninkomsten en de huidige AOW aan te vullen.
Uitvaartverzekering:
Een verzekering die voorziet in een uitkering direct na overlijden, met als doel om met de uitkering de
kosten van de uitvaart te betalen.
Soorten uitvaartverzekeringen:
o Naturaverzekering: De uitvaart wordt helemaal geregeld en de kosten worden achteraf door de
verzekeraar betaald.
o Sommenverzekering: De nabestaanden krijgen een bedrag uitgekeerd, waarmee ze zelf de uitvaart
kunnen regelen.
Soorten levensrisicos:
o Kort levenrisico: De verzorging van de nabestaanden staat centraal.
o Lang levenrisico: Het aanvullen van het inkomen staat centraal.
Verzekeringsvormen:
o Risicoverzekeringen: Uitkeringen die afhankelijk zijn van iemands overlijden.
o Spaarverzekeringen: Uitkeringen die nodig zijn om een aanvulling op iemands inkomen te geven. Een
spaarverzekering is een verzekering bij leven.
o Combinatieverzekering: Een combinatie van een uitkering bij leven en een uitkering bij overlijden.

Samenvatting Wft Vermogen 2017


1.1. Risicoverzekeringen:
1. Uitkeringen ineens Kapitaalverzekeringen:
o Tijdelijke kapitaalverzekering bij overlijden: Bij deze verzekering wordt met de verzekeraar
afgesproken dat bij overlijden van de verzekerde vr een bepaalde datum het verzekerde kapitaal
wordt uitgekeerd. Overlijdt de verzekerde niet, dan volgt er over het algemeen geen uitkering. De
verzekering eindigt na het overlijden van de verzekerde. Voorbeeld: Aflossing van de hypotheek,
een verzekering op het leven van de moeder, om in geval van overlijden uit de uitkering
gezinsverzorging te kunnen betalen. Achterliggende reden: De behoefte aan een uitkering vervalt
op een zeker moment.
o Risicoverzekering op vaste termijn: Dit is een verzekering waarbij het kapitaal op de einddatum
wordt uitgekeerd, indien de verzekerde vr de einddatum is overleden. Na het overlijden van de
verzekerde voor de einddatum hoeft er geen premie meer te worden betaald. Voorbeeld: Betalen
van studiekosten voor later, als aanvulling op de Anw-uitkering, als er een kind is jonger dan 18 jaar
en de partner overlijdt.
2. Uitkering in termijnen Een rente:
o Erfrente of vaste rente: Een periodieke uitkering die wordt uitgekeerd vanaf het overlijden van de
verzekerde voor de einddatum tot de einddatum. Overlijdt de verzekerde na de einddatum dan
vindt er geen uitkering meer plaats. Is de verzekerde voor de einddatum overleden, dan eindigt de
periodieke uitkering op de einddatum. Na het overlijden van de verzekerde zijn geen premies meer
verschuldigd. Als deze rente is ingegaan, eindigt de uitkering op de einddatum. Eenmaal ingegane
rente is niet afhankelijk van het leven van de begunstigde. Als de begunstigde komt te overlijden
nadat de verzekerde is overleden en er al rente-uitkeringen zijn uitgekeerd, zal de erfrente verder
uitkeren aan de wettelijke erfgenamen van de begunstigde. Als de begunstigde komt te overlijden
voordat de verzekerde overlijdt en de erfrente nog niet is ingegaan, dan zal er worden uitgekeerd
aan de tweede begunstigde die op de polis staat vermeldt. Een andere naam van deze rente is
Ideaalrente.
o Overlevingsrente: Dit is een lijfrente die ingaat als de eerste verzekerde is overleden en de
medeverzekerde dan nog in leven is. De rente eindigt bij het overlijden van de medeverzekerde of
eindigt op de afgesproken einddatum. Is de medeverzekerde reeds overleden voor de verzekerde,
dan volgt er geen uitkering. De overlevingsrente kan worden afgesloten als aanvulling op een
nabestaandenpensioen. Een nabestaandenpensioen komt tot uitkering als de man overlijdt en de
vrouw nog in leven is of andersom. Het nabestaandenpensioen eindigt bij het overlijden van de
nabestaande partner.
o Levenslange kapitaalverzekering bij overlijden: Dit is een overlijdensrisicoverzekering zonder
einddatum. Ze keert altijd uit na overlijden. Bij sommige verzekeraars is het mogelijk om deze
verzekering af te kopen. Deze verzekering is met name geschikt voor betaling van de
begrafeniskosten en kan ook worden afgesloten voor de betaling van successierechten.

1.2. Spaarverzekeringen:
1. Uitkering ineens Kapitaalverzekering bij leven: Dit is een verzekering die tot uitkering komt wanneer
de verzekerde op de einddatum van de verzekering in leven is. Is de verzekerde vr de einddatum
overleden, dan vindt er geen uitkering plaats, ook hoeven er dan geen premies meer te worden
betaald. Een kapitaalverzekering bij leven met restitutie is een combinatie van een kapitaalverzekering
bij leven met een stijgende tijdelijke kapitaalverzekering bij overlijden. Het is een verzekering die een
kapitaal uitkeert op de einddatum als de verzekerde dan in leven is. ofwel bij overlijden van de
verzekerde vr de einddatum de betaalde premies uitkeert.
2. Uitkering in termijnen Een lijfrente: Dit is een periodieke uitkering die periodiek uitkeert zolang de
verzekerde leeft en eindigt bij overlijden van de verzekerde of op de afgesproken einddatum. Overlijdt
de verzekerde, dan stopt de verzekering. Dit wordt een zuivere lijfrente genoemd: De uitkering is
afhankelijk van het lijf van de verzekerde.
Samenvatting Wft Vermogen 2017

10

Naast de zuivere lijfrente, wordt er in de praktijk ook vaak een gerichte lijfrente afgesloten. De gerichte
lijfrente is eigenlijk een kapitaalverzekering, maar het kapitaal zal op de uitkeringsdatum gebruikt
worden voor aankoop van een lijfrente. Het verschil met de zuivere lijfrente is dat de hoogte van de uit
te keren lijfrentetermijnen bij aanvang niet bekend zijn, omdat ze afhankelijk zijn van de tarieven van
de verzekeraars op het moment van de aankoop van de lijfrente. Voordeel van de gerichte lijfrente is
dat er een grote vrijheid is: Het kapitaal mag bij diverse verzekeraars worden gestort en de keuze van
de vorm van de aan te kopen lijfrente hoeft pas later te worden gemaakt.
Vormen van lijfrente:
o Direct ingaande lijfrente: Deze lijfrente gaat direct in. Bijvoorbeeld op de AOW-gerechtigde leeftijd
of de pensioendatum. De duur van deze lijfrente kan levenslang zijn (tot het overlijden van de
verzekerde) of tijdelijk. Bij de tijdelijke direct ingaande lijfrente is afgesproken dat de periodieke
uitkering duurt tot een bepaalde datum of tot eerder overlijden van de verzekerde. Een voorbeeld
van een tijdelijke direct ingaande lijfrente is de lijfrente die wordt uitgekeerd in de periode vanaf de
AOW-gerechtigde leeftijd voor een periode van vijf jaar, als tijdelijke aanvulling op het pensioen. De
direct ingaande lijfrente kan alleen tegen een eenmalige koopsom worden betaald.
o Uitgestelde lijfrente: Deze lijfrente wordt afgesloten, maar gaat pas op een later moment in. Het is
een periodieke uitkering, die ingaat op een datum in de toekomst, als de verzekerde op dat
moment in leven is en eindigt bij overlijden. Overlijdt de verzekerde vr de ingangsdatum van de
lijfrente, dan vindt er geen uitkering plaats. Deze lijfrente kan levenslang of tijdelijk worden
afgesloten. Een uitgestelde lijfrente kan zowel tegen eenmalige koopsom als tegen premie worden
betaald. In de praktijk zal in de uitstelperiode premie worden betaald en in de uitkeringsperiode
worden uitgekeerd.
Bovenstaande lijfrenten kunnen ook op twee levens worden gesloten. De lijfrente eindigt dan niet bij
het overlijden van de verzekerde, maar eindigt bij het overlijden van de medeverzekerde.
Daarbij kan men kiezen voor:
o 100% overgang op de medeverzekerde (bij overlijden van de eerste verzekerde gaat de lijfrente in
zijn geheel door op het leven van de medeverzekerde)
o 70% overgang op de medeverzekerde (bij overlijden van de eerste verzekerde gaat de lijfrente voor
70% door op het leven van de medeverzekerde)
o 70% overgang op de langstlevende (de lijfrente wordt verlaagd naar 70%, zodra een van de
verzekerden overlijdt)

1.3. Combinatieverzekeringen:
1. Gemengde verzekering: Dit is een combinatie van een Tijdelijke kapitaalverzekering bij overlijden en
een Kapitaalverzekering bij leven. Het verzekerde kapitaal wordt uitgekeerd op de einddatum als de
verzekerde dan in leven is of direct bij overlijden van de verzekerde voor de einddatum. Dit is een
uitstekende verzekering voor aflossing van de hypotheek.
2. Verzekering op vaste termijn: Dit is een combinatie van een Risicoverzekering op vaste termijn en een
Kapitaalverzekering bij leven. Het verzekerde kapitaal wordt uitgekeerd, ongeacht of de verzekerde in
leven is of niet. Overlijdt de verzekerde vr de einddatum van de verzekering, dan volgt een uitkering
op de einddatum. Is de verzekerde op de einddatum nog in leven, dan volgt de uitkering op die datum.
De onzekere factor in deze verzekering is de duur van de premiebetaling. Bij overlijden van de
verzekerde vr de einddatum, stopt de premiebetaling, maar dient er wel op de einddatum te worden
uitgekeerd. De verzekering op vaste termijn mag alleen tegen premie worden betaald. Tegen koopsom
is het een oneigenlijke verzekering.
Traditioneel gesloten verzekering:
Alles van de verzekering ligt vast. Het verzekerd kapitaal is bekend, de gekozen verzekeringsvorm ligt vast
en het moment van premiebetaling ligt vast. Het verzekerd kapitaal wordt nog wel verhoogd met de
winstdeling, maar daar kan de verzekeringnemer geen invloed op uitoefenen.
Samenvatting Wft Vermogen 2017

Show preview as text ▼
Comments (0)

Be the first to comment on this document.

€ 24,99

Buy this documentAdd document to cart

9 students were before you!


  • check Money back guarantee
  • check Documents can be downloaded immediately
Specifications
Seller
mei1963
mei1963

Number of documents: 6

Recommended documents
Log in via Facebook
Log in via e-mail
New password
Subscribe via Facebook
Subscribe via e-mail
Aanmelden via Facebook
Shopping cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students.
Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit