€ 3.99

Uitgebreide samenvatting goederenrecht, alle hoofdstukken

Uitgebreide samenvatting goederenrecht, alle hoofdstukken

Hele uitgebreide samenvatting van hoofdstukken 1 t/m 9 over 'praktisch goederenrecht, C. Phillips' 3e druk voor het vak Goederenrecht. Alle belangrijke onderwerpen worden behandeld. Ook is op de 1e pagina alle belangrijke wetsartikelen benoemd. Na het leren van deze samenvatting beheers je de stof goed!


Ask questions about the document or view comments (0)
Preview (2 of 14 pages)
Preview: Uitgebreide samenvatting goederenrecht, alle hoofdstukken Preview: Uitgebreide samenvatting goederenrecht, alle hoofdstukken

Download all 14 pages for € 3,99

Buy this documentAdd document to cart

Belangrijke wetsartikelen:
3:1
goederen
3:2
zaken
3:3 l1 onroerende zaken
3:3 l2 roerende zaken
3:4
bestanddeel
3:6
vermogensrechten
+ categorieen
3:8
beperkt recht
3:9 l1 natuurlijke vrucht
3:9 l2 burgerlijke vrucht
3:10 registergoederen
3:11 goede trouw
3:13 misbruik
bevoegdheid
3:24 bescherming
onvolledige registers
3:25 bescherming
onjuiste registers
3:26 bescherming
onjuiste feiten
3:44 vernietigbaarheid
bij rechtshandeling
3:49 vernietiging bij
rechtshandeling
3:80 verkrijging
goederen
3:84
eigendomsoverdrac

3:86,88 derdenbescherming
3:89-94
levering
goederen
3:99 ev verjaring
3:107 bezit en
houderschap

3:113 inbezitneming
3:114 bezitsoverdracht
3:115 bezitsoverdracht
zonder feitelijke handeling
3:117 bezitsverlies
3:118 bezitter te goeder
trouw
3:120
3:121 bezitter te kwader
trouw
3:201 vruchtgebruik AR
3:202 ontstaan
vruchtgebruik
3:203 duur vruchtgebruik
3:207 rechten en plichten
vruchtgebruik
3:212-218
bevoegdheden
vruchtgebruiker
3:227 pand AR en
hypotheek AR
3:229 zaaksvervanging
pand en hypotheek
3:236,237,239 pandrecht
5:1
eigendom AR
5:2
revindicatie
5:3
natrekking
eigendom
5:4
toe-eigening
5:5
vinder bij roerende
zaken
5:6
vinder wordt
eigenaar
5:13 schatvinding

5:14 natrekking roerende
goederen
5:15 vermenging
5:16 zaakvorming
5:17 vruchten bij
roerende zaken
5:37 hinder
5:70 erfdienstbaarheid

5:72 ontstaan
erfdienstbaarheid
5:78 wijzigen of
opheffing erfdienstbaarheid
5:85 erfpacht AR
5:89 genot erfpachter
5:93-95
bevoegdheden
erfpachter
5:97 wijzigen of opheffen
erfpacht
5:99 vergoeding bij einde
erfpacht
5:101 opstal AR
5:106 appartement AR
5:108, 112, 119
verplichtingen
appartementseigenaren
5:109-111
splitsingsakte
5:118-120, 3:169
bevoegdheden
appartementseigenaren

Hoofdstuk 1
Eisen zaak: stoffelijk, voor menselijke beheersing vatbaar,
waarde en n geheel. Vermogensrecht: recht met
vermogenswaarde (geld). 3 categorieen: 1) overdraagbaar, 2)
stoffelijk voordeel, 3) in ruil voor stoffelijk voordeel.
Onroerende zaken zijn niet verplaatsbaar. Roerend is alles wat
niet onroerend is. Bestanddeel: 1) alles wat volgens
verkeersopvattingen deel uitmaakt van een zaak, deze zaak wordt dan de hoofdzaak. 2) is de zaak nog
compleet zonder het bestanddeel 3) bestanddeel kan niet worden afgescheiden zonder beschadiging.
Een hoofdzaak en bestanddeel vormen juridisch gezien n geheel. Registergoederen: goederen die
bij overdracht of vestiging in openbare registers ingeschreven moeten worden (huis kadaster):
onroerende zaken, vliegtuigen en sommige schepen. Natuurlijk vruchten, 2 eisen: 1) zaken 2) volgens

verkeersopvattingen vrucht van andere zaken appel. Burgerlijk vruchten, 2 eisen: 1) rechten 2)
volgens verkeersopvattingen vrucht van goederen (vermogensrechten) rente, huuropbrengst.
Goede trouw ontbreek bij 1) feiten en rechten kende maar deed niks. 2) feiten en rechten behoorde
te kennen, maar heeft ook niks gedaan om het te controleren. Om je goede trouw te bewijzen heb je
onderzoekplicht.
Hoofdstuk 2
Absolute rechten: rechten die een persoon op een goed (zaak en vermogensrecht) kan hebben en geldt
ten opzichte van iedereen. Relatieve rechten zijn tegenover 1 persoon. Rechtsgevolgen van absolute
rechten: 1) zaaksgevolg (droit de suite): het absoluut recht op een goed blijft bestaan ook al is het niet
meer in de macht van de rechthebbende, 2) prioriteitsbeginsel (droit de priorit): eerder gevestigd
absoluut recht gaat voor een later gevestigd absoluut recht, 3): bevoorrechte positie (droit de
prference): bij faillissement kan de rechthebbende zijn goed buiten het faillissement houden.
Het eigendomsrecht is het enige volledige recht, de rest zijn beperkte rechten. Een eigenaar mag met
zijn eigendom (volledig recht) alles doen, maar mag geen hinder veroorzaken of de wet op een andere
wijze overtreden. Een beperkt recht is afgeleid van een volledig recht. Het eigendomsrecht is ook wel
het moederrecht waar de beperkte rechten afgeleid van zijn. Uitleg beperkte rechten:
1. Vruchtgebruik: het recht om goederen die aan een ander toebehoren, te gebruik en daarvan de
vruchten te genieten. Vruchtgebruik wordt gevestigd of ontstaat door verjaring. Verjaring: bezitter
te goede trouw een recht op roerende zaken, niet registergoederen, kan verkrijgen door een
onafgebroken bezit van 3 jaar, betreft het andere goederen dan 10 jaar. Als de vruchtgebruiker
een natuurlijk persoon is, wordt de duur van vruchtgebruik beperkt tot de duur van zijn leven. Is
de vruchtgebruiker een rechtspersoon, dan is de duur van vruchtgebruik maximaal 30 jaar.
2. Een schuldeiser heeft een geldvordering op een schuldenaar. Voor zekerheid wordt een recht van
pand gevestigd op een niet registergoed (verpande goed). Bij het niet nakomen kan het verpande
goed verkocht worden en met de opbrengst de vordering voldoen.
3. Het recht van hypotheek is in principe hetzelfde als het recht van pand, maar in dit geval is het
verpande goed een registergoed. Schuldeiser = hypotheek/pandhouder schuldenaar =
hypotheek/pandgever.
4. De erfdienstbaarheid kan eruit bestaan iets te dulden of juist om iets niet te doen, de last kan er
niet uit bestaan iets te doen. Een recht van erfdienstbaarheid werkt tegenover iedereen en is
verbonden aan twee onroerende zaken. BV: Piet (heersende erf) mag over het pad (dienende erf)
van Jantje lopen naar het strand. Wanneer n of beide zaken een nieuwe eigenaar krijgen, dan
blijft de erfdienstbaarheid bestaan. Erfdienstbaarheid kan ontstaan door vestiging of verjaring.
Vestiging vindt plaats door middel van een notariele akte met hierin de afspraken en eventuele
financiele vergoeding. Verjaring ontstaat door een bezit van 10 onafgebroken jaren en de
rechthebbende moet te goeder trouw zijn.
5. Het recht van erfpacht is een zakelijk recht dat de erfpachter de bevoegdheid geeft de onroerende
zaak van een ander te houden en te gebruiken. De erfpachter heeft hetzelfde genot als een
eigenaar, maar hij mag de bestemming van de onroerende zaak niet zonder toestemming van de
eigenaar veranderen.
6. Door middel van het recht van opstal kan iemand bijvoorbeeld eigenaar zijn van een gebouw dat
op de grond van een ander staat. Door het recht van opstal kan de opstaller (degene ten behoeve
van wie het recht van opstal is gevestigd), tevens erfpachter, een woning op dat stuk grond in
eigendom hebben of verkrijgen. Het merendeel van de wetsartikelen betreffende erfpacht, zijn
ook van toepassing op het recht van opstal.
7. Een appartementsrecht is een recht op het exclusieve gebruik van een gedeelte van een gebouw,
te weten een appartement. De splitsing van een gebouw moet in een notariele akte (splitsingsakte)
worden vastgelegd, gevolgd door inschrijving in de openbare registers.

Show preview as text ▼
Comments (0)

Be the first to comment on this document.

€ 3,99

Buy this documentAdd document to cart
  • check Money back guarantee
  • check Documents can be downloaded immediately
Specifications
Seller
LotteBKM
LotteBKM

Number of documents: 8

Recommended documents
Log in via Facebook
Log in via e-mail
New password
Subscribe via Facebook
Subscribe via e-mail
Aanmelden via Facebook
Shopping cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students.
Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit