€ 1.54

Het urinewegstelsel

In het boek het urinewegstelsel wordt beschreven wat de functie en werking van het urinewegstelsel is. Aan bod komt de fysiologie van het urinewegstelsel. Ook wordt de werking van de nieren, urineleiders, nefronen, blaas, plasbuis ureters, urethra beschreven. Voor het boek 'het urinewegstelsel' betaalt u 1,50 Euro. Het urinewegstelsel is ook een hoofdstuk van het 312 pagina tellende fysiologieboek, introductie in de fysiologie. Voor het volledige boek 'Introductie in de fysiologie' betaalt u slechts 10,50 Euro


Ask questions about the document or view comments (0)
Preview (6 of 21 pages)
Preview: Het urinewegstelsel Preview: Het urinewegstelsel Preview: Het urinewegstelsel Preview: Het urinewegstelsel Preview: Het urinewegstelsel Preview: Het urinewegstelsel

Download all 21 pages for € 1,54

Buy this documentAdd document to cart

WWW.ZOWERKTHETLICHAAM.NL

Het urinewegstelsel
Bouw en werking van het
urinewegstelsel
www.zowerkthetlichaam.nl
05-02-2015

Het urinewegstelsel

COPYRIGHT: De door www.zowerkthetlichaam.nl gepubliceerde inhoud en werken zijn auteursrechtelijk
beschermd. Elk geoorloofd gebruik behoeft voorafgaande schriftelijke toestemming van
www.zowerkthetlichaam.nl. Dit geldt voor vermenigvuldiging, bewerking, vertaling, opslag, verwerking of
weergave van de inhoud in databases of andere elektronische media en systemen. Ongeoorloofde
vermenigvuldiging of weergave van afzonderlijke delen van de inhoud of complete pagina's is niet toegestaan
en strafbaar. Slechts vervaardiging van kopieen en voor persoonlijk, priv, niet-commercieel gebruik van
inhoud is toegestaan.


Inhoud


Urinewegstelsel; overzicht van het urinewegstelsel ............................................................... 4


Urinewegstelsel; anatomie van het urinewegstelsel .............................................................. 6


Urinewegstelsel; anatomie en fysiologie van het nefron ....................................................... 8


Urinewegstelsel; uitscheiding van afvalstoffen .................................................................... 11


Urinewegstelsel; regulatie van de vochtbalans .................................................................... 13


Urinewegstelsel; regulatie van het zuur-basenevenwicht .................................................... 15


Urinewegstelsel: vorming van erytropoetine (EPO) ............................................................. 17


Urinewegstelsel; regulatie van de bloeddruk op lange termijn ............................................ 19


Urinewegstelsel; plassen, urineren, mictie ........................................................................... 20

LITERATUURLIJST.................................................................................................................................. 21


H1

Urinewegstelsel; overzicht van het urinewegstelsel

Het urinewegstelsel bestaat uit de beide nieren, urineleiders, de urineblaas en de plasbuis. Het
urinewegstelsel speelt een belangrijke rol in het handhaven van de homeostase van het lichaam.
De nieren en dan specifiek de nefronen zijn de functionele eenheden van het urinewegstelsel. Het
urinewegstelsel handhaaft de homeostase door het zuur-basenevenwicht, de bloeddruk en de
vochtbalans te monitoren en bij te stellen. Het urinewegstelsel produceert urine.

1.1

Anatomie van het urinewegstelsel

Het urinewegstelsel bestaat uit de nieren (renes), urineleiders (ureters), de blaas (urineblaas; vesica
urinae) en de plasbuis (urethra). Elk van deze onderdelen van het urinewegstelsel wordt kort
beschreven.
1.1.1 Anatomie van de nieren
De mens heeft twee nieren die achter het buikvlies aan weerszijden van de wervelkolom liggen. De
linker nier ligt iets hoger, dan de rechter nier. De nieren hebben de vorm van een bruine boon en zijn
tussen de 10 en 15 cm lang, 4 en 6 cm breed en ongeveer 3 cm dik. De nieren bestaan uit een schors
(cortex), merg (medulla), calix minor en major en nierbekken. In de schors en medulla komen
nefronen voor. De nefronen (tussen de 500.000 en 1.250.000 per nier) zijn functionele eenheden van
de nieren. De nefronen maken de urine die wordt afgevoerd naar de urineleiders.
1.1.2 Anatomie van de urineleiders (ureters)
De mens heeft ook twee urineleiders. De urineleiders verbinden het nierbekken met de blaas. De
urineleiders zijn ongeveer tussen de 25 en 35 cm lang en hebben een diameter van 2,5 tot 3,5 mm.
De urineleiders vervoeren urine van de nieren richting de blaas.
1.1.3 Anatomie van de blaas (vesica urinae)
In de blaas wordt de urine verzameld die door de urineleiders vanuit de nieren naar de blaas wordt
vervoerd. De blaas kan men vergelijken met een soort zak. De blaas verzamelt urine. Bij een
bepaalde hoeveelheid urine in de blaas zal er plasgevoel (mictiereflex) optreden. In de blaas kan
ongeveer anderhalve liter urine worden opgeslagen.
1.1.4 Anatomie van de plasbuis (urethra)
De plasbuis zorgt ervoor dat de urine vanuit de blaas buiten het lichaam vervoerd kan worden. De
urinebuis is bij de vrouw ongeveer 3 cm lang en bij de man ongeveer 20 cm lang.

1.2

Werking van het urinewegstelsel

Het urinewegstelsel speelt een belangrijke rol in het handhaven van de homeostase van het lichaam.
Het urinewegstelsel handhaaft de homeostase door het zuur-basenevenwicht, de bloeddruk en de
vochtbalans te reguleren. De nefronen zijn de functionele eenheden van het urinewegstelsel. De
nefronen voeren de homeostatische functies van het urinewegstelsel uit. Elk van deze functies wordt
kort toegelicht.


1.3

Regulering van het zuur-basenevenwicht

De zuurgraad (pH) van het lichaam en specifiek van het bloed moeten binnen nauwe grenzen
gehouden worden. Een normale pH van het bloed ligt rond de 7,45. Wanneer de pH te hoog, of te
laag dreigt te worden, komen belangrijke processen en functies van het lichaam in gevaar. Het
lichaam kan op verschillende manieren het zuur-basenevenwicht handhaven. Door sneller en dieper
te ademen, neemt de pH toe. Door langzamer te ademen, daalt de pH. Ook de nieren spelen aan
belangrijke rol in het handhaven van de pH. Zo kunnen de nieren meer bicarbonaat behouden voor
het lichaam, waardoor de pH stijgt. De nieren kunnen juist ook meer bicarbonaat uitscheiden,
waardoor de pH daalt.

1.4

Regulering van de bloeddruk

De nieren spelen een belangrijke rol in het handhaven van een goede bloeddruk. Vooral op de lange
termijn spelen de nieren een belangrijke rol in bloeddrukregulatie. Niet alleen detecteren de nieren
afwijkingen van een normale bloeddruk, de nieren benvloeden ook de bloeddruk door meer, of juist
minder water en natrium uit te scheiden.

1.5

Regulering van de vochtbalans

Samen met de bloeddrukregulatie wordt ook de vochtbalans gereguleerd door de nieren. De nieren
zijn in staat om bij een positieve vochtbalans (te veel water in het lichaam) meer vocht uit te
scheiden en bij een negatieve vochtbalans het water te behouden voor het lichaam.

1.6

Urineren

De mens produceert bij een normale vochtinname rond de 1500ml urine per dag. Wanneer de blaas
voldoende is gevuld treedt er plasgevoel (mictiereflex) op. Wanneer de gladde spieren van de blaas,
de m. detrusor samentrekken en de spieren rondom de plasbuis ontspannen, kan de urine door de
urinebuis lopen en wordt de urine buiten het lichaam gebracht.


H2

Urinewegstelsel; anatomie van het urinewegstelsel

Het urinewegstelsel bestaat uit de nieren (renes), urineleiders (ureters), blaas (vesica urinae) en
plasbuis (urethra). De nieren en meer specifiek de nefronen zijn de functionele eenheden van het
urinewegstelsel. De nieren worden van bloed voorzien door de a. renalis en gennerveerd via een
renale plexus. De urineleiders vervoeren de gevormde urine naar de blaas. In de blaas wordt urine
opgeslagen totdat het plasgevoel te groot is geworden en de urine via de plasbuis buiten het
lichaam wordt gebracht.

2.1

Anatomie van de nieren (renes)

2.1.1 Macro-anatomie van de nieren
De twee nieren van de mens liggen aan weerszijden van de wervelkolom achter het buikvlies
(peritoneum) en worden omgeven door een fascie, vetkussen en een fibreus kapsel. De linker nier
ligt iets hoger, dan de rechter nier. De nieren hebben de vorm van een bruine boon en zijn tussen de
10 en 15 cm lang, 4 en 6 cm breed en ongeveer 3 cm dik. Via het hilum (concave deel van de nieren)
komen de bloedvaten en zenuwen de nieren binnen. Ook ontspringen de urineleiders bij het hilum.
De nieren worden van bloed voorzien door de linker en rechter nierslagader (a. renalis sinistra en
dextra). De a. renalis is een vertakking van de aorta. De nieraders (v. renalis) zijn de afvoerende
bloedvaten van de nier en lopen van de nier richting onderste holle ader (v. cava inferior). De linker
nierader (v. renalis sinistra) is met 7,5 cm langer, dan de rechter nierader (2,5 cm; v. renalis dextra).
De zenuwvoorziening van de nier wordt verzorgd door de renale plexus. De renale plexus is een
netwerk van autonome zenuwen.
2.1.2 Micro-anatomie van de nieren
De beide nieren bestaan van buiten naar binnen uit een schors (cortex), merg (medulla) en
nierbekken (pelvis). Het nierbekken mondt uit in de urineleiders. De medulla bestaat uit renale
piramiden, waarvan de punt (papilla) van de piramiden richting de nierbekken wijst. De papilla
monden uit in de calix minor (een soort verzamelkelken). De calix minor mondt uit in de calix major
en deze mondt uit in het nierbekken. De piramiden bestaan bijna geheel uit de nefronen waarover
later meer. De piramiden worden van elkaar gescheiden door de colmunae renales Bertini.
De a. renalis vertakt zich in de nier in 4 tot 6 segmentale arterien. De segmentale arterien vertakken
zich in interlobulaire arterien. De interlobuliare arterien lopen tussen de piramiden door. De
interlobulaire arterien vertakken zich in a. arcuatae, vervolgens a. corticalis radialis en tenslotte de
afferente en efferente arteriolen. Het bloed van de nieren wordt achtereenvolgens afgevoerd via de
v. corticalis radialis, v. arcuatae, interlobulaire venen, segmentale arterien en tenslotte de v. renalis.
2.1.3 Anatomie van het nefron
Het nefron is de functionele eenheid van de nier. Per nier komen er tussen 500.000 en 1.250.000
nefronen voor. Het nefron filtert het bloed en vormt de urine. Het nefron bestaat uit het
nierlichaampje, proximale tubulus contortus, Lis van Henle en distale tubulus contortus. Om deze
tubuli lopen de peritubulaire capillairen. De distale tubulus contortus mondt uit in het
verzamelsysteem. Het verzamelsysteem mondt uit in de calix minor. Het nierlichaampje bestaat uit
een afferent arteriole, glomerulus en efferent arteriole. Het verzamelsysteem bestaat uit de
verzamelbuis en vervolgens verzamelkanaaltje. Er zijn twee soorten nefronen. Nefronen die volledig
in de cortex liggen (corticale nefronen) en nefronen die in de medulla beginnen. Nefronen die in de
medulla beginnen, worden juxtamedullaire nefronen genoemd en hebben een langere lis van Henle
en verzamelsysteem dan de corticale nefronen.


Show preview as text ▼
Comments (0)

Be the first to comment on this document.

€ 1,54

Buy this documentAdd document to cart
  • check Money back guarantee
  • check Documents can be downloaded immediately
Specifications
Seller
Zowerkthetlichaam
Zowerkthetlichaam

Number of documents: 17

Recommended documents
Log in via Facebook
Log in via e-mail
New password
Subscribe via Facebook
Subscribe via e-mail
Aanmelden via Facebook
Shopping cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more documents!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students.
Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit