Dit document is een samenvatting die uitleg geeft over hoe, wanneer en welke verleden tijds vormen je in het engels moet gebruiken. Bevat: Past simple, Past continuous, Present perfect, Present perfect simple, Present perfect continuous, past perfect en past perfect continuous.
aardrijkskunde bedrijfseconomie biologie duits economie engels filosofie frans geography geschiedenis godsdienst history informatica kunst latijn leerling m&o maatschappijleer maatschappijwetenschappen management & organisatie management en organisatie natuurkunde nederlands scheikunde wiskunde b