In deze samenvatting zien we hoe je de werkwoorden juist moet vervoegen. We zien 'indicatif présent', 'impératif', 'futur proche', 'futur simple', 'conditionnel présent', 'passé recent', 'imparfait', 'passé composé', 'plus-que-parfait'.
de lat hoog voor iedereen de wereld waarnemen didactisch handelen frans a iedereen kansrijk kijken naar kinderen b kijken naar kinderen b: in dialoog met kinderen mens en maatschappij muzische talen b nederlands a nederlands b op weg naar meesterschap c pedagogisch handelen religie, zingeving, levensbeschouwing rooms katholieke godsdienst taal en meertaligheid wereld in verbinding wereld waarnemen wiskunde b wiskunde c