Studybot answer

Ask a question ›
 
Question asked by: saarroekeloos - 1 year ago

Maak een oefenexamen van de volgende tekst: 5. Het forensisch postmortaal onderzoek
1. Principes forensisch postmortaal onderzoek
Elk forensisch onderzoek moet op een wetenschappelijke en professionele manier worden uitgevoerd, d.w.z. door deskundige politie en professionele deskundigen, beginnend op de plaats van de feiten.
Uitgewerkte arrondissementele afstappingsplannen
Uitgangsprincipe = 3 pijlersysteem
o Elke betrokken dienst moet via hun discipline kijken naar een overlijden

Vrijwaring van de plaats delict en het lichaam is cruciaal:
o Instellen van (bewaakte) ruime perimeters
o Plaatstoestand niet wijzigen
o Sporen moeten zo veel mogelijk worden gevrijwaard
o Niet manipuleren of verplaatsen van het lichaam
Goed beheer van de plaats delict:
o Documentatie van de plaatstoestand en elke wijziging ervan.
o Professioneel en sporenbewust werken binnen de perimeter
o Chain of custody.












2. De afstapping (onderzoek ter plaatse)
Actoren ter plaatse bij OSG/Verdacht Overlijden:
Lokale Politie (interventie, OGP, recherche)
Gerechtelijk labo FGP - LTWP (CSI-team)
Wetsarts
+ eventueel:
Afstappingsteam, labosteunteam FGP (= federale gerechtelijke politie)
Andere deskundige(n): ballistiek, brand, verkeer
+ bij gelegenheid:
Aanwezigheid magistraat





Briefing actoren ter plaatse

Theoretisch stappenplan PD:
Fase 1: Rondgang met inspectie + sporenonderzoek in de omgeving
o bv: bloedsporen, schoeiselsporen, vingerafdrukken
Fase 2: Sporenonderzoek op lichaam
o bv: kruitsporen, taping, DNA-staalname
Fase 3: Uitwendige lijkschouwing
o bv: letselbilan, lijkverschijnselen (tijdstip overlijden), ziektetoestand

Praktische chronologie:
= afhankelijk van de plaatsgesteldheid
Vb. steekpartij die fout gelopen is:
o Tentje: plaats waar de feiten zijn voorgevallen
o Kegels: zichtbare sporen (bloeddruppels, kogelhulzen) aanmerken
Heel belangrijk!! Stel er liggen hulzen en men sjot daar per ongeluk tegen dan zal deze niet meer op de originele plaats liggen.
o De man lag bij een voordeur. Hij is dus nog even verder gewandeld dan de originele plek waar het gebeurd is.
o Dit is niet zo een ideale crime scene: je bevindt je op openbaar terrein, er kunnen dus al vanalle sporen verdwenen zijn of aangepast zijn. Indien het begint te regenen, gaan er ook veel sporen verloren.

Vb. dame die onderaan de trap ligt:
o Belangrijk om niet alleen de plaats waar de vrouw ligt te onderzoeken, maar ook de trap. De trap is mogelijk de plaats waar de eerste feiten gebeurd zijn.

Fase 1: Rondgang met inspectie + sporenonderzoek in de omgeving:
Inbreng wetsarts: lezen van de PD
Aanwezigheid biologische sporen:
o Bloedsporen: bloodstain pattern analysis
Aan een bloeddruppel zien van hoe hoog en welke hoek die kwam
o Andere lichaamsvochten
Aandacht voor aanwezige medicatie / drugs
o Want kan er voor zorgen dat mensen zich anders dan normaal gedragen
o Kan ook de doodsoorzaak zijn
Aandacht voor mogelijke daadwapens
o De plaats gesteldheid gaan bekijken
Positie van slachtoffer ten opzichte van de omgeving: houding? toegedekt?
Opmeten omgevingstemperatuur

Fase 2: Sporenonderzoek op het lichaam:
Bij het afvuren van een wapen komen kruid en roet vrij, wat ook op wonden kan zitten en kan helpen om het wapen of de munitie te identificeren. Soms zijn er ook sporen van warmte en vuur te vinden bij de wond.
Middelste foto: bloedspatjes ontstaan door bloed dat met hoge snelheid wegschiet, bijvoorbeeld bij een schot door het hoofd (vergelijkbaar met de appel-explosie op een foto, waarbij je ziet dat het merendeel van het weefsel met het projectiel meevliegt, en een kleine fractie in de tegenovergestelde richting wegvliegt).
Als iemand zichzelf neerschiet, kan er bloed op de schuttershand zitten, wat helpt te bepalen of hij zelf schoot en met welke hand.






GSR-kit (GunShot Residue)
Biologische sporen volgens dubbele wissermethode:
hals, polsen, enkels, nagels
o onzichtbare grijpsporen (huidschilfers, zweet)
o beetletsels (speeksel)
o seks-gerelateerde sporen (semen, bloed, haren)
1-to-1 taping
Afzetting materiaal in wonden: bv. lakschilfers
Entomologische kit
o Indien er larven, maden, op en/ of in het lichaam zitten

Voorbeeld 1-to-1 taping
o Aparte klevende plastic folies die genummerd zijn van 1- (meestal beginnen bij het hoofd)
o Patint volkleven voor je die manipuleert. Na het kleven neem je fotos.
Dit helpt om een nauwkeurig beeld te krijgen van de bewijsmaterialen: stel dat je paarse vezels rondom de hals vind, dan bekijk je welk strookje daar kleefde bvb strookje 7 kleefde aan de hals
o Heel tijdrovend
o Tapen moet langs 2 kanten-> persoon tapen en dan 180 graden draaien en opnieuw tapen



Fase 3: Uitwendige lijkschouwing (ter plaatse):


Na het opmeten van de exacte positie slachtoffer: ONTKLEDING:
o Verstoring van kledij
o Zichtbare bevuiling, textieldefecten?
o Kledij en persoonlijke voorwerpen sporenvriendelijk veiligstellen
Regel: lichaam ter plaatse uitkleden en kledingstukken in plastiek zakken steken
o [Uitzonderingen mogelijk]
Stel je staat in de gietende regen, dan is het belangrijk dat je alles veilig stelt en kan je beter geen tijd verliezen met ter plaatse het lichaam uit te kleden
Inventarisatie van de lijkverschijnselen:
o Opnemen kerntemperatuur (rectaal vs omgeving)
o Beoordelen van de lijkstijfheid
o Beoordelen van de lijkvlekken
o Ontbindingsverschijnselen

Nakijken algemene constitutie & persoonskenmerken
o Vb. tattoos kunnen helpen bij de identificatie v/e persoon
o Vb. gebit
Aanwezigheid pacemaker / port--cath?
o Port--cath: onderhuids ingebouwd infuusje bvb bij mensen die chemotherapie krijgen


Nakijken op uitwendige ziektetekens
o Vb. geel oog: geelzucht, leverprobleem
Opstellen letselbilan:
o Stomp trauma
o Scherp trauma
o Ballistisch trauma
o Tekens van geweld tegen de hals
o Letsels thv de genitale streek
o Sleepsporen
o

Afwezigheid van uitwendig letsel zegt niets over de afwezigheid van inwendig letsel!
o Voorbeeld:
Man werd aangetroffen onder een hoge brug
Meest voordehand liggende is dat het een drugsdood zou zijn, omdat de brug heel ver van zijn woonplaats was
Uitwendig is er niet echt iets te zien aan het lichaam, maar er was bijna geen enkel bot in zijn lichaam nog heel, dus hij was wel degelijk van de brug gesprongen
3. Autopsie
= + : het zelf zien
De autopsie (inwendige lijkschouwing, obductie of sectie) is de hoeksteen van de postmortale diagnostiek.
Diagnostische autopsie (doe je om een bepaalde diagnose te stellen bvb de doodsoorzaak) =
o Klinische autopsie
o Forensische autopsie
o Buitengerechtelijke autopsie
o Autopsie ikv wet onverwacht overlijden van een zuigeling <18 maanden (Belgi)
o Research autopsie
Louter vanuit een wetenschappelijk oogpunt: toestemming v/d patint nodig
3.1. Klinische autopsie
Op vraag van behandelende arts in overleg met familie
o Bvb de ziekte van de patint is veel sneller ontwikkeld dan men gedacht had en men wil weten waarom.
Op patinten overleden in ziekenhuis
Door een anatoom-patholoog
Kwaliteitsindicator - terugbetaald door ziekteverzekering (RIZIV)
3.2. Forensisch (medicolegale) autopsie
In opdracht van magistraat (onderzoeksrechter of parket)
Geen toestemming nabestaanden nodig
Door wetsarts, aangesteld als gerechtsdeskundige
Uitgebreidere dissecties en staalnamen
3.3. Buitengerechtelijke (private) autopsie
Bij bijzondere indicaties (bv. plotse dood).
Op kosten van de nabestaanden
Na informed consent nabestaande(n)
Via vertrouwensarts (huisarts) die autopsierapport ontvangt
Bestaat in Belgi geen wetgeving rond
3.4. Autopsie volgens het wiegendoodprotocol
Bij plotse dood kinderen < 18 maanden (ziekenhuis thuis)
In erkend centrum voor (preventie) wiegendood
Enkel na toestemming ouders
4. Forensische autopsie
Doel:
Nauwkeurige, gedetailleerde persoonsbeschrijving (identificatie)
Opsporen uitwendige en inwendige pathologische afwijkingen
Inventariseren van alle uitwendige en inwendige verwondingen/letsels (type, afmetingen, anatomische lokalisatie, vorm)
Vaststellen van onmiddellijke en oorspronkelijke doodsoorzaak en bijdragende factoren
Bepalen van het mechanisme van overlijden
Verzamelen van alle nuttige sporen en stalen.
[Tijdstip van overlijden bepalen]

De autopsie = de gouden standaard:
Alleen door een autopsie (eventueel met aanvullende onderzoeken) kan de exacte doodsoorzaak worden achterhaald.
Door specialisten (opgeleide forensische pathologen)
Met respect voor chain of custody
Kwalitatief en volgens de geldende wetenschappelijke richtlijnen:
o Medicolegal autopsy rules: Council of Europe: Recommendation No. R (99) 3 of the Committee of Ministers to Member States on the Harmonisation of Medico-Legal Autopsy Rules, Strassbourg, 1999, Published in Forensic Science International, 2000, 111, 5-29.
o Nood aan kwaliteitsborging!: accreditatie ISO17020: (nog) niet verplicht in Belgi.


Na herhaling uitwendige lijkschouwing: laagsgewijze lijkopening
Volledige inspectie van de lichaamscompartimenten (borst, buik en schedel):
o Meten van lichaamsvochten
o Dissectie van de orgaanstelsels
o Wegen (en evt. meten) van organen
o Lamellatie van de organen met afname van weefselbiopten.
Staalname (-20C) van bloed, urine, oogbolvocht, haren, gal
Schedelopening met hersendissectie
Halsdissectie (in bloedledigheid)
Eventueel aanvullend dissectie van rug en ledematen
o Om te kijken of er klonters in de bloedvaten zitten
o Gelaatsdissectie probeert men te vermijden (is om te kijken of er tekenen van smoring zijn)
Belang van goede fotodocumentatie!

Uitwendige lijkschouwing (~herhaling)

Laagsgewijze lijkopening:
Vel opensnijden
Ribbenrooster er afhalen
Buikwand openen

Staalnamen:
Voor verder toxicologisch onderzoek
Maaginhoud wordt eruit gehaald
o Zegt iets of er nog gegeten is vlak voor de dood, en wat er gegeten is; medicatie herkennen; alcoholgeur

Prelevatie orgaanblokken:
= afname/ inzameling van lichaamsmateriaal
o Alle organen eruit halen
o Rechts: longen en hart

Orgaandissectie en bioptname:
Orgaan per orgaan onderzoeken
Onderaan links: opengesneden nieren
Elk orgaan in detail lamelleren (lamellen snijden) om te kijken of er ziektetekens (tumor, abces,) inzitten
-> microscopisch onderzoek doen

Schedelopening met hersendissectie:
Scalphuid eraf halen
Slaapspieren bekijken: als je zijdelingse inpakt op het hoofd krijgt dan heb je wss een bloeding in je slaapspier (dat zie je van buitenaf wss niet)
Schedel openen: zicht op de hersenen
o Tekens van infectie? Bloedingen?

Halsdissectie:
Laagje per laagje
3de foto: tong en huig
Controleren of hoorntjes van keelskelet intact zijn: dit is een kraakbeen dat zou kunnen afbreken indien er geweld heeft plaatsgevonden

Lichaam sluiten:
Je ziet wel dat er een incisie geweest is maar alles wordt wel proper terug gestoken en gesloten

5. Aanvullende onderzoeken
Histopathologisch onderzoek (steeds)
Toxicologische analyse (zeer sterk aanbevolen, routinematig)
Forensische beeldvorming (aanbevolen)
Biochemisch onderzoek (op indicatie)
Microbiologisch onderzoek (op indicatie)
(Cardio)genetisch onderzoek (op specifieke indicatie)
Odontologisch onderzoek (op specifieke indicatie)

5.1. Histopathologisch onderzoek
= medisch onderzoek waarbij weefselmonsters (biopten) microscopisch bestudeerd worden om eventuele afwijkingen of ziekten te diagnosticeren
Linkse foto:
o Cholesterol stapeling in de wand en verkalkte plak bovenop
o Binnenzijde van het bloedvat is heel klein geworden
o Donkerrode vlekje: klonter
Kan een typische oorzaak zijn van een hartinfarct
Gebeurd meestal bij oudere mensen
Deze fotos zijn van een persoon van 28 jaar -> als je stimulantia (speed, cocane) gebruikt kan je dit ook op jonge leeftijd krijgen

Vrouw 38 jaar plotse dood ; acuut gedilateerd hart met dof aspect ;


Wonddatering op basis van cellulaire weefselreactie
o Als je een kneuzing oploopt, dan gaat het lichaam dat proberen te genezen. Afhankelijk van welke witte bloedcellen er in dat weefsel zitten, kunnen we zien of de kneuzing bij het overlijden is opgelopen of ervoor.
o Vetembolie: als bij een breuk vet vrijkomt kant dat vast komen te zitten in de longen.
o Wonddatering: kunnen vaststellen hoelang een wonde is overleefd, kan doorslaggevend zijn.
o Voorbeeld:
Kneuzingen op de handen -> verweer en afweer
Scheurwonden op de mond
Rond de mond en neus is er bruinverkleuring= uitdroging van oppervlakkig beschadigde huid
Schema tekenen
Microscopisch onderzoek v/d verwondingen: sommige wonden waren overleefd en sommige niet
Overleefd: bij leven opgelopen verwondingen
Niet overleefd: kort voor het overlijden opgelopen, waaraan het slachtoffer overleden is
Dit is geweldpleging die in 2 tijden gebeurd is, onderbreking van de geweldpleging -> dader heeft tijd gehad om na te denken, maar kiest er voor om opnieuw te beginnen, wijst erop dat die het slachtoffer echt pijn/ dood wilt doen
5.2. Toxicologisch onderzoek
De doodsoorzaak bij een toxicologisch gerelateerd overlijden kan je maar stellen na een grondige forensisch-toxicologische analyse.
Toxicologische resultaten dienen steeds in kader van de autopsiebevindingen genterpreteerd te worden.

Cave interpretatie !
o farmacokinetische eigenschappen (werking, verwerking, gewenning)
o tijdsinterval inname - overlijden
o tijdsinterval overlijden - staalname

5.3. Forensische beeldvorming

5.3.1. Levenden
Opsporen van:
Body stuffing:
o = inslikken van drugs of het inbrengen in een lichaamsholte om te voorkomen dat de drugs ontdekt worden door politie of een andere autoriteit.
o ~ kleinere hoeveelheid in een ongeplande, paniekerige situatie.
o Gevaarlijker dan body packing, aangezien packing vrij professioneel gedaan wordt en stuffing eerder in een paniekreactie
Body packing:
o = ingestie van voorverpakte drugs (boleta) met als doel de drugs over een grens te smokkelen.
o ~ grotere hoeveelheid; meer georganiseerde, geplande methode.

Biologische leeftijdsbepaling:
Hand- en polsrntgenfotografie: vergelijken met standaard groeidiagrammen (bv. Greulich-Pyle atlas).
o Om te zien of de groeikraakbenen al gesloten zijn of niet
Orthopantomogram voor documentatie tandontwikkeling (eruptie en mineralisatie wijsheidstanden).
o Eruptie: het doorkomen van de wijsheidstanden (+- 17-25j)
o Mineralisatie: vorming en verharding van het tandweefsel (7-9j)
Documentatie epifysaire sluiting (= ossificatie groeischijven) in bv. het sleutelbeen.
o Toont het einde van de botgroei in de lengte aan

5.3.2. Postmortaal












Postmortale CT-scan (total body)
+ Snel (15 min./lichaam) -> sec.
+ Non-destructief/non-invasief
+ Herhaalbaar
+ Data handling (wereldwijd)
+ Contaminatie risico
+ Propere handen
+ Minder personeel
Klassieke autopsie
- 3 8 u / lichaam
- Destructief & Invasief
- One shot / One chance (= 1 kans om het goed te doen)
- Fotos + verslag
- Directe blootstelling
- Personeel
=> Post-mortem CT-scan is complementair aan autopsie

3D reconstructie: lokalisatie projectielen
2D foto -> 3D reconstructie

Opsporen luchtembolie:
Lucht hoort niet in je bloedvaten te zitten
Bij autopsie kan je lucht niet zien, hier kan je dat perfect zien

Opsporen braakselaspiratie

Visualisatie complexe breuken
Dit tekenen zou heel moeilijk zijn, dan is dit soort fotos wel handig

Visualisatie schottrajecten
Weefselschade bepalen
Schottraject bepalen
Is niet altijd in een rechte lijn, zeker niet als de kogel het bot raakt

3D reconstructie -> 3D printen
Indeukingsfractuur lokaliseren
Wetsartsen willen zo snel mogelijk het stoffelijk overschot aan de familie teruggeven, maar het is zinvol om hier een model van te hebben indien er later een mogelijk wapen opduikt kan je aantonen of dit effectief het wapen is

3D reconstructie: correlatie op replica
Door 3D reconstructie kunnen we aantonen dat een slachtoffer niet meer bewoog tussen de slagen door, wat doet vermoeden dat het slachtoffer ofwel handelingsonbekwaam was of na eerste impact handelingsonbekwaam werd

5.4. Biochemisch onderzoek
= alle stofjes die geen drugs of medicatie of alcohol zijn die je toch gaat proberen onderzoeken
Het ondersteunen van het onderzoek naar de doodsoorzaak:
o Bij vermoeden van diabetische en alcoholische ketoacidose
o [Bij vermoeden insuline-gerelateerd overlijden]
o Verdrinking
o Anafylaxie (= overdreven allergische reactie van het lichaam die dodelijk kan zijn)
o Bij langdurige stressreactie zoals hypothermie
o Diagnose van ziekteprocessen zoals ontsteking, vroegtijdig myocardinfarct of sepsis.
Interpretatie resultaten is vaak complex en moeilijk:
o Omwille van (onvoorspelbare) postmortale veranderingen.
o Afwezigheid van referentiewaarden en controlegegevens.
Oogbolvocht (= fysiek afgeschermde omgeving minder onderhevig aan autolyse en microbieel metabolisme) is bruikbaarder dan bloed (bv. voor bepaling elektrolyten)
o Oogbol is relatief goed beschermd tegen de ontbinding

5.5. Microbiologisch onderzoek
= onderzoek van kiemen, virussen,
Toepassen indien:
o Onverklaarde postmortale hyperthermie
o Onverklaarde petechiale rash (= puntvormige uitslag)
o Voorafbestaande infectieuze symptomen (koorts, diarree, braken, versnelde ontbinding)
o Plotse onverklaarde overlijdens (bv. SUDI)
o Inflammatoire letsels (ettercollecties, abcessen, pneumonie, meningitis, peritonitis
Complexe interpretatie (ontbinding, agonale spreiding, contaminatie, postmortale translocatie)
o Na overlijden gaan bacterin woekeren -> moeilijk uit te maken welke bacterin er op voorhand al waren en welke ziekteverwekkend zijn
Onderscheid tussen pathogenen, opportunistische kiemen en commensalen.
o Pathogenen: ziekteverwekkende micro-organismen vb. bacterin, schimmels,
o Opportunistische kiemen: bacterin die normaal onschadelijk zijn, behalve bij een zwak immuunsysteem
o Commensalen: micro-organismen die deel uitmaken van de normale flora v/h lichaam en meestal onschadelijk zijn
Belang voor volksgezondheid!
o Vb. infectueuze bacterie gevonden -> omgeving verwittigen

Voorbeeld:
o 3-jarig kind, s morgens dood aangetroffen in bed.
o Voorheen gezond, om middernacht wakker geworden omv malaise en braken
o Schuim op de mond en petechiale rash over de romp.
o Troebel hersenvocht en pericardvocht (= in hartzakje); hersenoedeem
o Microbiologisch onderzoek (hemoculturen): enterotoxine-producerende bacillus cereus.
Bacterin die gifstoffen produceren waar je heel ziek van kan worden, normaal gezien krijg je maagdarm infectie hebben, maar bij het kind ging de bacterie heel snel -> belangrijk om die kiem op te sporen
o Onmiddellijk doodsoorzaak: sepsis met enterotoxine- producerende bacillus cereus
o Oorspronkelijke doodsoorzaak: voedselvergiftiging
o Herkomst: hetzelfde serotype aangetoond op dop waterfles.
o 8-maanden oude broertje: 1 dag hospitalisatie met milde maagdarmklachten.
5.6. (Cardio) genetisch onderzoek
Voorbeeld:
o 23-jarige sportieve man
o Hersenzwelling
o Normale histopathologie
o Geen pathogene kiemen
o Spoortje codene in het bloed (~hoestsiroop)
Negatieve autopsie (= autopsie toont niets bijzonders)
o Doodsoorzaak: SADS (Sudden arrhythmic death syndrome)
o Navolgend op het forensisch postmortaal onderzoek:
Cardiogenetisch onderzoek op postmortaal bloedstaal:
Mutatie aanwezig in het SCN5A gen: c.2658T>A or p.His886Gln
(spanningsafhankelijk Natriumkanaal) Histidine -> Glutamine
Familiaal onderzoek op vader en broer:
ECG: aanwezigheid van een Brugadasyndroom (= hartritmestoornis) en geleidingsstoornis.
Genetische screening: zelfde mutatie.
-> Beiden behandeld met een ICD (= pacemaker)

MAAK 10 MEERKEUZEVRAGEN OP UNIEF NIVEAU MET ALLE ANTWOORDEN PAS NA DE VRAGEN. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 10.

Answer generated by AI Report answer

Ask a study question and we will try to answer it as best we can.

Ask a question
 
Log in via e-mail
New password
Subscribe via e-mail
Shopping Cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students. <br> Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit