Maak een oefenexamen van de volgende tekst: 6. Niet-natuurlijke overlijdens- Asfyxie
1. Asfyxie
= dood door zuurstoftekort ; verstikkingsdood (er zijn verschillende vormen asfyxie)
Verstikkingsproces (tijdsduren niet van buiten kennen)
Anoxie (=geen zuurstof) in de hersenen:
1. Bewusteloos na 6 10 seconden
2. Convulsies (stuipen), decerebratie- (extensie) en decorticatie rigiditeit (flexie)
Stuipen vb. mensen die anoxische dood sterven kunnen plaatsgesteldheid nog veranderen door de stuiptrekkingen
Decerebratie = het strekken van de ledematen (komt door zuurstoftekort in de hersenstam)
Flexie= buigen van je spieren
3. Ademhalingsstilstand na 1 1,5 min.
Reanimatie is nog mogelijk
Om ademhalingsstilstand te bekomen moet persoon een lange tijd zonder zuurstof zitten, als je bvb na 20 seconden los zou laten kan het slachtoffer gewoon terug bijkomen
2. Klassieke asfyxietekens
-> Typisch, maar niet-specifiek
o Verstikkingstekens vind je niet per se alleen bij verstikkingsdood, ook bij andere doden
-> Kunnen ook volledig ontbreken
o Vb. zuigeling verstikken zonder dat dat een teken nalaat
Petechin (puntvormige bloedinkjes)
Stuwing hoofd
o zwelling gelaat
o cyanose (blauwe kleur)
Hypoxische effecten (sfincterrelaxatie)
o Hypoxie = te weinig zuurstof
o Sfincter= sluitspier
o Vb. heel gevaarlijke wurgpoging indien slachtoffer gewurgd werd en urineverlies ervaarde
Longen
o Longoedeem (= vocht in longen) (soms schuimzwam)
o Acuut emfyseem (= ophoping van lucht in de longen) & alveolaire bloedingen (= lekken van bloed in de longblaasjes)
2.1. Petechin
= stuwingsteken door verminderde veneuze retour(= bloedflow naar het hart) > 15-30 s
Vasculair: toesnoering hals, hartfalen
Verhoogde intrathoracale druk:
o versmachting (druk op de borst)
waardoor het bloed niet terug naar het har kan vb. vrachtwagen op het lichaam
o ademen tegen weerstand.
plotse drukverhoging: hoesten, valsalva (persbewegingen)
vb. mensen die moeilijk stoelgang maken -> daarom zijn bvb puntbloedingen typisch maar niet specifiek
3. Vormen van asfyxie
1. Atmosferische verstikking
o = Onvoldoende O2 in de lucht
2. Mechanische verstikking
o = Gestoorde O2-opname
Smoring
Luchtwegobstructie
Versmachting
Samendrukking hals
3. Inwendige verstikking
o Ondoelmatig O2 transport: CO-intoxicatie
o Ondoelmatige O2 afgifte: CN-intoxicatie
3.1. Atmosferische verstikking
Zuurstofarme milieus:
o Op grote hoogte (bv. vliegtuigverstekeling, op Mount Everest )
o Openstaande gasleiding/-flessen: verdrijving O2
o Beerput / riolen (rioolgas van methaan en CO2)
o Afgesloten containers, graansilos.
o Fouten bij inhalatie-anesthesie
Niet zelden (arbeids-)ongevallen
Geen uitwendige of inwendige tekens!
Ook toxicologisch moeilijk aantoonbaar.
!!! dus heel belangrijk om context en plaatsgesteldheid te kennen
Voorbeeld:
o Slachtoffer heeft een soort microatmosfeer rond zijn hoofd gecreerd en dan stikstofgas daarin laten stromen, hierdoor is er dus verdrijving van zuurstof en krijg je een atmosferische verstikking
o Als je de fles en tonnetje weg doet, dan heb je eigenlijk geen aanwijzingen (vb. geen puntbloedingen). Het feit dat die arm gebogen is zou wel een aantoning kunnen zijn maar
3.2. Mechanische verstikking
3.2.1. Smoring
= Afsluiting van mond & neus
Mogelijke tekens:
o Vaak GEEN asfyxietekens
o (discrete) letsels rond neus en mond
o Verweerletsels (niets met smoring zelf te maken, wel dat het slachtoffer zich verzet tegen smoringact)
Bijzondere vormen:
o Mondprop
Nog door neus ademen is soms mogelijk
o plastic bag suffocation
Bij een zak rond je hoofd is de kans groter dat de zak je mond en neus afsluit dan dat je de zuurstof in de zak opgebruikt
o baby (cave wiegendood/ Mnchhausen by proxy= ouders veroorzaken letsels)
AARD van overlijden:
bewustzijnstoestand/handelingsbekwaamheid op ogenblik feiten! (vb. volwassen persoon krijg je niet zomaar gesmoord, indien die in comateuze toestand is door alcohol is het makkelijker)
o Doding: overwicht dader (bv. verdoofde slachtoffers, kinderen)
o Zelfdoding: plastic zak
o Ongeval: (spelende kinderen -> gebeurd niet vaak, je kan het je wel inbeelden)
Plastic bag suffocation
Aanzuigen van plastic rond neus en mond
Goedkope zak is gevaarlijker dan dure zak, hoe flexibeler en dunner de zak is hoe sneller de aanzuiging gebeurd
Gemanipuleerde situatie ter plaatse bemoeilijkt onderzoek sterk !
o Je moet al plaatsgesteldheid kennen om vast te stellen of het effectief plastic bag suffocation is of niet
o Vb. hier had de familie de zak er al afgescheurd
o Handen waren gekneveld (= een zekerheidsmechanisme), wijst niet per se op tussenkomst van derden
Plastic bag suffocation+ edelgas
Gasflow kan aanzuiging plastic zak verhinderen of ongedaan maken
Edelgas is bedoeld om een soort ijlheid mee te creren
3.2.2. Luchtwegobstructie
Verstikking (1-5)
o adem inhouden (1)
o dyspnoe = ademnood (1-1,5)
o agonale fase
stuipen (1,5)
terminaal ademhappen (2-3)
Bolusdood (neurale reflexdood)
Verslikken
o Kinderen
Want neiging om te eten en praten tegelijk
o Alcohol
o Dementerenden
o Psychotici
o Verzwakten
Braakselaspiratie na bewustzijnsverlies
o intoxicatie
o trauma
Bedelving vb. sneeuw inademen bij lawine
Voorbeeld:
o 53-jarige man
o Vleesfragment in larynx:
ca. 10 x 4 x 1,5 cm
38 gram.
o BAC: 3,37 promille
o Doodsoorzaak: Verstikking door luchtwegobstructie (voedselbrok)
o Aard overlijden: Accidenteel
3.2.3. Versmachting
= traumatische asfyxie (dooddrukking)
Samendrukking borstkas: belemmering ademhaling + bloedstuwing door verhinderde retour van bloed naar het hart
Vaak zeer uitgesproken asfyxietekens
Vormen:
o Dooddrukking (bedelving, inklemming)
o Overlaying bij co-sleeping vb. per ongeluk op je kind belanden tijdens het slapen in hetzelfde bed
o Burking = smoring + versmachting
o Posturale (houdingsgebonden) asfyxie
Vooral accidenteel:
o Arbeidsongevallen (bv. bedelving)
o Verkeersongevallen
o Lawines
o Overlaying
o Paniek bij massa-manifestaties
o Posturale asfyxie
Soms doding:
o Over(ge)wicht
o Burking
Bodysnatchers Burk & Hare: ene gaat op lichaam zitten en andere smoort de persoon, ze vermoordden mensen om dan hun lichaam aan faculteiten te geven voor onderzoek
3.2.3.1. Posturale asfyxie
= Positionele asfyxie
Verstikking door ademhalings-compromitterende lichaamshouding
Hoofd/borst lager dan rest lichaam
o Hoe in dergelijke positie terechtgekomen?
o Waarom zichzelf niet uit de benarde positie bevrijd?
Belang van de plaatsgesteldheid !
3.2.4. Samendrukking van de hals
Kracht door snoer:
o Verhanging
o Strangulatie
Kracht door handen (manueel):
o Wurging
o Armgreep
Halsader: brengt bloed van hersenen naar je hart
Halsslagader: brengt bloed van je hart naar je hersenen
Carotis: kan ervoor zorgen dat je hartfunctie aangepast kan worden
Nervus vagus: een zenuw die je hartritme aanstuwt
Luchtpijp: die van mond/ keel naar longen loopt
In je nek bevindt zich ook ruggenmerg dat zenuwimpulsen van je hoofd en rest van je lichaam verbind. Ruggenmergletsels komen we enkel tegen als de ruggenwervelkolom beschadigd is, dus bij ernstigere fracturen.
Geweld tegen de hals is altijd potentieel levensbedreigend
= dwarsdoorsnede van de hals
Achterkant: wervelkolom met spieren
Voorkant: halsader en halsslagader
Vooraan: strottenhoofd
Bepaalde kracht nodig om die zaken toe te knijpen, meer kracht bij slagader dan halsader want slagader is dikker
Om strottenhoofd toe te drukken moet je echt HEEL hard drukken
Niet hard drukt: vb. enkel ader toedrukken -> afvoer van je hersenen afgedrukt, wel aanvoer -> gestuwd gelaat
Zowel halsader als halsslagader afgedrukt: veel minder gestuwd effect hebben, minder blauw
3.2.4.1. Verhanging
Werktuig = snoer
Kracht = (deel van het) lichaamsgewicht
Vormen
o Volledig Onvolledig
Volledig: niets raakt de grond (!! Op/ afstapje aanwezig)
Onvolledig: raakt de grond
o Typisch Atypisch
Typisch: ophangingspunt achter de oren
Atypisch: ophangingspunt voor de oren
Snelle methode naargelang
o Gewicht
Hoe meer kracht op de half, hoe efficinter
o Dikte snoer
Hoe dunner de snoer, hoe efficinter (maar kan ook zorgen voor onthoofding, of afbreking snoer)
-> wat er gebeurd bij een lichaam in verhanging
Extensie-rigiditeit
Strekken van armen gevolgd door buigen van armen
Flexie- rigiditeit
Relaxatie
Doodsoorzaak-mechanisme:
o Mechanische asfyxie door afsnoeren v/d halsvaten
Medicolegale vragen:
o Vitaliteit? (= is die persoon levend in die positie terechtgekomen of niet?)
o Zelfuitvoerbaarheid ?
Reconstructie : meten = weten
Zekerheidsmechanisme vs. camouflage
o Handelingsbekwaamheid ?
o Tussenkomst van derden ?
Voorbeeld:
o Koord wordt doorgeknipt wanneer persoon uit positie gehaald word -> tape is heel belangrijk want je hebt ineens veel uiteinden
Voorbeeld:
o Zelf uitgevoerd, want groene handen
Tekens passend bij verhanging:
Snoerteken (snoerspoor, strenggroef)
o afdruk (profieltekening, breedte)
o opstijgend verloop
o gedeeltelijke omstrengeling
o postmortale uitdroging
Soms asfyxietekens (blauwe vs. witte asfyxie)
Afhangende lijkvlekken
Peri- en postmortale uitwendige verwondingen (~convulsies)
Inwendige halsletsels eerder zeldzaam
Belang van onderzoek ter plaatse !
Vitale tekens:
Speekselspoor
Snoertekenbloedinkjes:
o Dambloedingen
o Tandkambloeding
Puntbloedingen (petechin)
Niet elke verhanging is een zelfdoding !
Voorbeeld:
o Man was zijn wilg aan het snoeien, zijn ladder is onderuit gegaan, man is voorover gevallen en is achter een knotje van de wilg blijven hangen en is zo in een verhangende positie terechtgekomen
Voorbeeld:
o Onvolledige verhanging
o Strengroeve
Opstijgend patroon
o Zou typische verhanging kunnen zijn (snoer verder aangespannen en dus verschoven waardoor snoerteken ergens anders nog ontstaan is
o Wat wel doet verontrusten is dat speeksel opwaarts is -> persoon heeft dus eerst neergelegen -> dit is een strangulatie, met handen met snoer, vervolgens gestaged
Aandachtspunten - Alarmsignalen:
Afwijkend snoerteken:
o Meervoudig of circulair snoerteken
o Horizontaal verloop
o Laag uitgesneden snoerteken
Afwezigheid van vitale tekens
Onvolledige verhanging op lage hoogte of op trap !
Uitgebreide postmortale manipulatie
Sporen van medicatie- & drugsgebruik
Kneveling
Verdachte letsels
3.2.4.2. Strangulatie
Werktuig = snoer
Kracht = extern
Tekens:
o Snoerteken
Horizontaal
Volledig circulair
Kan ontbreken
o Afweerletsels
o Soms inwendige halsletsels
o Meestal asfyxietekens
Meestal doding, soms zelfdoding of ongeval
Le jeu du foulard - the choking game the good kids high the fainting game
o Voornamelijk preadolescenten.
o Levenslange prevalentie tussen de 7 en 12 % (recent tot 17%).
= kans dat iemand het ooit in zijn leven gedaan heeft is 17%
o Vb. Archie B (high opzoeken door zuurstoftekort)
3.2.4.3. Wurging
strangulation la main, manual strangulation
Werktuig = handen
Kracht = persoon
Trage methode (want geen continu houdende kracht zoals bij een koord)
Benadering langs voor >> benadering langs achter of zijdelingse benadering
Bijna altijd (poging tot) doding; nooit zelfdoding; letale wurgseks (accidenteel?)
o !!! kan nooit zelfdoding zijn want op het moment dat ik mijn bewustzijn verlies gaan de spieren ontspannen en gaat je druk om je hals wegvallen en de bloedsomloop naar je hersenen herstellen
Uitwendig zichtbare letsels:
o Asfyxietekens in het aangezicht
o Wurgsporen ter hoogte van de hals:
Vingertopgrote, afgeronde kneuzingen over de halsstreek
Nagelrandimpressies: halvemaanvormige, smalle, ca. 1 cm lange huidwondjes
Krab- en schaafletsels (~bevrijdingspogingen).
o Ver- en afweerletsels (bij slachtoffer en dader).
o Kunnen volledig ontbreken bij weerloos slachtoffer!
Inwendig zichtbare letsels:
o Halsspierbloedingen (belang gedetailleerde halsdissectie!)
o Gebroken keelskelet (afh. van leeftijd)
Jonge mensen hebben een relatief soepel keelskelet (= keel toeknijpen zonder dat het per se breekt), dus als bij jonge mensen het keelskelet niet gebroken is sluit dat wurging niet per se uit
3.2.4.4. Armgreep
Vorm van samendrukkend geweld tegen de hals, midden tussen wurging en strangulatie
Kracht = door arm
Toepassing : in bedwang houden van een persoon; immobilisatie
o Arrestatie door politie
o Vechtsport
o Zelfverdediging
o Overvallers
2 verschillende argmrepen:
o Links:
Hals gepositioneerd in de elleboogplooi
Extra trek en drukkracht uitoefenen door met andere hand je hand naar je toe te trekken
Druk uitgeoefend zijdelings op de hals, daar liggen de bloedvaten, als je dit enige tijd volhoudt zal er bewusteloosheid optreden en heb je de tijd om die bvb te boeien
o Rechts:
Hals aan voorzijde toegedrukt
Gevaarlijker; absoluut verboden in elke politiecursus
Alle druk op stemapparaat, gevolg ademnood, geen zuurstof in longen, daar waar een soort verslikking optreed en slachtoffer in ademnood raakt en pas bewustzijn verliest als alle zuurstof in lichaam is opgebruikt, dus agressieve persoon gaat nog agressiever worden want die gaat in ademnood geraken
Onder bedwang houden
Risico op plotse dood:
o Componenten:
asfyxie
posturaal (buikligging)
druk op borstkas
halsgreep
smoring
stress hypothesis - plotse hartstilstand
agitatie
gexciteerd delirium
Steeds rekening houden met risicos verbonden aan physical restraint
Risicofactoren voor plotse dood:
o Overgewicht hartaandoening
o Intoxicatie
o Delirium en extreme agitatie
Vermijd steeds druk op borstkas in buikligging
Onmiddellijk stoppen bij:
o plots wegvallen van het verzet
o bewusteloosheid
o oppervlakkige of zeer heftige ademhaling
3.3. Auto-erotische asfyxie
Combinatie van solitaire seksuele activiteit en een asfyxiemethode
Via een gedeeltelijke zelfverstikking: tot aan de grens van bewustzijnsverlies komen met de bedoeling de erotische gewaarwording te versterken of een bepaalde trip op te wekken
Ontbreken van (ogenschijnlijk) sucidaal voornemen
Kenmerken van de doodscne:
o Asfyxie-methode:
gedoseerde verhanging
gedoseerde strangulatie
andere: plastic zak, smoring, masker, overdressing, inhalatie
-> Falend redmechanisme, falend fysiologisch mechanisme of verkeerde inschatting.
o Aanwijzingen voor (solitaire) seksuele activiteit:
Ontblote genitalia
Afgezonderde ruimte (zolder, kelder, hotelkamer)
Spermasporen
o Parafilien (atypische, intense seksuele interesse in voorwerpen, situaties): (kunnen aanknopingspunten zijn maar is geen hard bewijs)
Fetisjisme voor latex, leder, furry, luiers
Bondage, travestie
o Seksuele parafernalia:
Dildo, vibrator, tepelklemmen, mondknevel
Porno, filmopnamemateriaal, spiegels...
o [Drugs zoals GHB, metamfetamine, mefedrone, ketamine, cocane, poppers]
Zorgt voor slechte inschatting van wanneer ze moeten stoppen
Forensische aandachtspunten:
Ongeval zelfdoding - doding ?
o Zelfuitvoerbaarheid en handelingsbekwaamheid
o Betrokkenheid andere perso(o)n(en):
Ter plaatse
Op afstand
-> vb. plezierig vinden om veel lagen aan te doen
3.3.1. Incaprettamento ~ capretto (It: geit).
Specifieke (wrede) methode van marteling en executie.
o Handen en voeten gebonden achter de rug in verbinding met strop rond de hals.
o Zeer onaangename, onnatuurlijke houding; elke beweging slachtoffer (bv. ontsnappingspoging of vermoeidheid) maakt strop strakker: zelfstrangulatie.
o Zal dodelijke afloop zijn aangezien het slachtoffer op een gegeven moment vermoeid zal worden en hierdoor zichzelf zal verstikken
o Incapprettamento: eigenlijk een bepaalde methode om geiten en klein vee te fixeren zodanig ze niet kunnen gaan lopen
3.3.2. CO-intoxicatie
Koolstofmonoxide = CO (nl. 0,01 % omgevingslucht)
o Kleurloos, geurloos, brand- en ontplofbaar, licht gas (dus verspreid zich makkelijk door een ruimte)
o Ontstaat bij onvolledige verbranding fossiele brandstoffen
bronnen: warmwaterboiler, kachels, ontploffingsmotoren, brand...
o Mechanisme overlijden: verstoord zuurstoftransport
Hb-affiniteit voor CO = 210 x > O2
Bloedtransport van CO i.p.v. O2 -> acute hypoxie
=> Voor 1 molecule CO heb je 210 moleculen zuurstof nodig, dus als je in contact komt met CO zal vooral dit in je lichaam verspreid worden, er kan te weinig zuurstof verspreid worden in je lichaam-> acute hypoxie
o Symptomen: afhankelijk van CO-Hb %
> 10 %: malaise (hoofdpijn, nausea)
> 30 %: handelingsbekwaamheid en bewustzijnsstoornissen
> 40 %: volledige handelingsonbekwaamheid en bewustzijnsverlies
> 50 %:
CO-Hb % (carboxyhemoglobinegehalte) wordt bepaald door
o CO-gehalte in de lucht (CO % luchtgehalte)
o Verblijfsduur in verontreinigde lucht
o Ademhalingsactiviteit (inspanning)
Incidentie Belgi
PM-diagnose:
o kersrode lijkvlekken (vanaf 30 % CO-Hb)
o rode nagelbedden
o helrood bloed
o zalmrode spieren; cortexverkleuring
o toxicologie: CO-Hb in perifeer bloed
Forensische context:
o ongeval!
(bad)kamer
brand (vitaal teken: 15 % CO-Hb)
o zelfdoding (auto/garage)
o (doding)
Gevaar voor derden
Boiler is gemanipuleerd, komen rechtstreeks in badkamer terecht
Forensisch team moet goed opletten
3.3.3. CN-intoxicatie
Cyanide = CN-
o Gas: HCN (waterstofcyanide) -> inademen
o Vluchtige vloeistof: blauwzuur -> inademen
o Zoutvorm: bv. cyaankali -> inslikken
o Glycosidevorm
Bronnen
o Vruchtenpitten (bv. abrikozen), wortels cassaveplant
In Congo is cyanide, afkomstig van de cassaveplant, het meest gebruikte moordwapen
o Scheikundig product (industrie)
o Verdelgingsproduct
Vb. in Australi konijnenplaag, maar hier vielen ook humane slachtoffers
o Verbranding van polyurethaan en polyacrylonitril
Inname
o Inademen (inhalatie) via longen
o Inslikken (orale inname) via maag
o Transdermaal (via huid)
CN in bloed -> cellen: blokkering celademhaling
o door binding met Fe3+-cytochroomoxidase
Symptomen
o Inademing binnen seconden
o Oraal (50 250 mg) binnen 15 minuten
Pathologie
o Bittere amandelgeur in uitgeademde lucht: niet herkend door ca. 20-40% bevolking
o Baksteenrode lijkvlekken
o Etsing (= zelfde werking als javel)
Toxicologie
o Snelle postmortem afbraak (vluchtig !)
Maar als je het in het bloed vind zal dit wel de doodsoorzaak zijn aangezien het zo dodelijk is
o Bloed (1-50 mg/L),
Aard overlijden
o Meestal zelfdoding
o Soms ongeval (brand)
o Af en toe (collectieve) doding: gaskamer, executie
MAAK 10 MEERKEUZEVRAGEN OP UNIEF NIVEAU EN GEEF DE ANTWOORDEN PAS NA ALE RVRAGEN. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 10.
Ask a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a questionAsk a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a question