Studybot answer

Ask a question ›
 
Question asked by: jetteke77 - 1 year ago

Herschrijf de volgende tekst: herschrijf onderstaande tekst naar 2000 woorden












Inhoudsopgave
Voorwoord 2
Informatie over de clint 3
Het signaal en de setting 4
De benaderingswijze 4
Succesmomenten 4
De analyse 5
Mijn advies 5
Mijn reflectie 6
Roos van Leary 7
Bronnenlijst 1
Bijlage I 2




Voorwoord
Mijn werkplek is bij GGZ Oost Brabant, locatie Staringstraat in Oss. Dit is een trainingshuis voor mensen met een Ernstige Psychiatrische Aandoening (EPA). Wij begeleiden naar meer zelfstandigheid, met als doel dat ze uiteindelijk zelfstandig kunnen gaan wonen. Als dit niet lukt dan stromen de clinten uit naar begeleid wonen. De clinten verblijven gemiddeld drie jaar op de Staringstraat. Elke clint heeft een eigen studio met een badkamer, keuken en leefgedeelte. Deze studios bevinden zich in een klein flatgebouw, waarvan n studio is omgebouwd tot kantoor voor de begeleiding. Er is 24 uur per dag begeleiding aanwezig.
In deze opdracht voer ik een vraag verkennend gesprek uit samen met een van mijn clinten. Ik ben sinds kort haar persoonlijk begeleider. Het verslag begint met een analyse van de clint en het signaal waarmee ik aan de slag ga. Hierna volgt het gesprek en ten slotte mijn reflectie van het vraag verkennend gesprek.




















Informatie over de clint
Mijn clint is een jongedame van 21 jaar oud. Haar hoofddiagnose is een Posttraumatische stressstoornis die er ook is geweest voor haar 6de levensjaar. Hierbij heeft ze nog een diagnose, Aandachtsdeficintie-/hyperactiviteitsstoornis. Daarnaast is sinds kort de diagnose Borderline Persoonlijkheidsstoornis gediagnostiseerd. De clint komt uit een onstabiele gezinssituatie, haar moeder heeft in haar jeugd een depressie gehad. Haar biologische vader is niet in beeld maar ze beschouwt haar stiefvader als vader. Haar stiefvader is gediagnostiseerd met ASS en heeft veel traumas vanuit zijn jeugd. In haar jeugd heeft ze veel verantwoordelijkheid gekregen van haar ouders en weinig positieve aandacht.
Zij zit in de levensfase adolescentie (Tieleman-Fokker, 2019, p.167), ze is voornamelijk bezig met een eigen wil en mening creren. Ook is ze een eigen identiteit aan het ontdekken. De clint heeft een pestverleden en hierbij vindt ze het lastig om een eigen identiteit te ontwikkelen, dit door meningen van anderen. Ook heeft ze een moeilijke jeugd gehad waarin ze weinig werd gezien en gehoord, hierdoor volgde ze haar ouders en deed haar eigen mening en stem er niet toe.
Ik zit zelf in dezelfde levensfase als mijn clint. Echter door het verschil in levensloop gaan wij beide anders om met de zoektocht naar onze identiteit, eigen mening en eigen wil creren. Bij mijn clint zie ik dat zij erg vastloopt in haar dagelijkse leven, dit door haar Borderline Persoonlijkheidsstoornis. De clint stelt zich erg afhankelijk op ten aanzien van haar omgeving. Hierdoor vormt de clint zich voornamelijk naar de wensen en verwachtingen van haar omgeving. Het gevolg is dat ze geen eigen mening en identiteit vormt en haar omgeving blijft volgen. De begeleiding loopt hier tegenaan in het trainingstraject.
De clint is opgegroeid in een gescheiden gezin, met een moeder die een depressie heeft gehad en een stiefvader met ASS. Zelf ben ik opgegroeid in een intact gezin. In 2014 is bij mij ADD vastgesteld. Het was een uitdaging om met ADD te leren leven en de juiste medicatie de vinden, wat thuis voor veel spanningen zorgde tussen mijn en mij, totdat hij het beter begon te begrijpen. Dit heeft onze band uiteindelijk versterkt. De clint is de oudste binnen het gezin en ik ben de jongste. Ik zie overeenkomsten tussen de clint en mijn oudste zus; beide nemen en krijgen meer verantwoordelijkheden dan ik als jongste. Sinds mijn 15e heb ik een vriend die mij zowel steunt, maar ook stimuleert in mijn ontwikkeling. De clint heeft ook al langere tijd een vriend die zowel steunend als belemmerend kan zijn. Mijn ouders hebben mij altijd gesteund en aangemoedigd in het ontwikkelen van mijn eigen wil, mening en identiteit. Sinds kort is bij mij lipoedeem vastgesteld wat maakt dat ik moeilijke aanpassingen/keuzes in mijn leven moet maken.
Hierin herken ik de worstelingen van mijn clint, hoewel het andere uitdagingen zijn. Omdat we in dezelfde levensfase zitten, ben ik snel geneigd in te vullen hoe het voor haar zou kunnen zijn. Door vooraf verdiepende vragen op te schrijven, kan ik tijdens gesprekken beter luisteren en vragen stellen zoals: Hoe is het voor jou om chronisch ziek te zijn? en Hoe ga je hiermee om? Juist omdat ik uit eigen ervaring weet hoe moeilijk het kan zijn op deze leeftijd.
Al deze ervaringen hebben mijn kijk naar clinten veranderd. Ik begrijp wat het betekent om chronisch ziek te zijn en de zoektocht aan te gaan naar passende medicatie. Hierin vind ik het belangrijk om te kijken naar de mogelijkheden van een clint in plaats van hun beperkingen. Ook vind ik zelfredzaamheid belangrijk. Alles wat een clint zelf kan, laat ik ze zelf doen. Voor dingen die ze niet kunnen, zoek ik naar manieren om hen te ondersteunen binnen hun mogelijkheden. Als iets echt niet mogelijk is, probeer ik de regie zoveel bij de clint te laten.
Het signaal en de setting
Het signaal waarmee ik aan de slag ben gegaan is dat de clint niet aan het trainen is en als het trainingstraject blijft lopen zoals het gaat, er geen ruimte meer is voor clinte om te blijven wonen op de locatie. Dit signaal is naar voren gekomen uit de korte gesprekken die ik heb gevoerd met de clint. Daarnaast heb ik uit de rapportages gesignaleerd dat de clint weinig in beeld is bij de begeleiding, waardoor de begeleiding geen inzicht heeft in waar de clint zich mee bezighoudt en wat de clint wil leren op deze locatie.
Voor het gesprek kwam de clint naar ons kantoor. Voorafgaand heb ik uitgelegd wat mijn opdracht was en wat we tijdens het gesprek zouden doen. Ik koos ervoor om op een rustige plek in het kantoor te gaan zitten, aan een tafeltje. Deze setting heb ik zo gekozen om ervoor te zorgen dat ik wel zichtbaar ben, maar de clint onherkenbaar blijft. Hier ben ik het gesprek begonnen, en vervolgens heb ik de camera aangezet.
De benaderingswijze
Ik heb de volgende benaderingswijze gebruikt: Presentie. Het begrip present betekent aanwezigheid, wat inhoudt dat je daadwerkelijk betrokken bent tijdens het gesprek. Dit bereik je door actief te luisteren en een actieve houding aan te nemen. Het is belangrijk om aan te sluiten bij de behoeften van de clint en hen erkenning en waardering te geven. Dit kan zowel verbaal als non-verbaal, door bijvoorbeeld ja te zeggen of instemmend te knikken. Op deze manier voelt de clint zich gehoord en gewaardeerd, wat essentieel is voor een goede communicatie (Beurskens et al., 2019).
Succesmomenten
Succesmoment 1 contact maken
00:00 - 2:27
Ik richt mij tot de clint, maak oogcontact en neem een actieve luisterhouding aan. Om te beginnen stel ik mijzelf voor en geef aan dat ik het waardeer dat ze tijd heeft vrijgemaakt voor ons gesprek. Vervolgens leg ik het doel van het gesprek uit en vraag ik of er nog andere onderwerpen zijn die ze wil bespreken. Daarna nodig ik haar uit om zichzelf wil voorstellen. Gedurende het gesprek vraag ik om bevestiging, om zeker te zijn dat ik haar goed begrijp.
Succesmoment 2 contact behouden
2:32 4:52
Tijdens het gesprek maak ik gebruik van non-verbale communicatie, door instemmend ja te knikken. Ik luister met volle aandacht en stel verdiepende vragen wanneer dat nodig is. Door te parafraseren, kom ik terug op de onderwerpen die de clint heeft genoemd, zodat zij zich begrepen voelt. Mijn actieve luisterhouding houd ik vast door open vragen te stellen en haar aan te moedigen om meer te vertellen. Ik toon interesse in de stappen die ze heeft ondernomen en geef tussendoor korte complimenten, dit doe ik omdat ik weet dat ze snel bang is om fouten te maken en daardoor kan dichtklappen. Dit helpt ook om vertrouwen op te bouwen, aangezien we elkaar nog niet lang kennen.
Succesmoment 3 contact verdiepen
7:33 10:17
Ik vraag naar de verwachtingen en wensen van de clint, zodat zij de regie behoudt. Door gericht door te vragen, krijg ik een concreet beeld van de uitdagingen waar ze mee te maken krijgt. Ik vat regelmatig samen om te controleren of ik het goed heb begrepen en vraag de clint om bevestiging.
De analyse
Ter voorbereiding heb ik de rapportages gelezen en heb ik kort met haar persoonlijk begeleider gesproken. Dit deed ik om een helder beeld te krijgen van haar huidige situatie en om het signaal duidelijk te krijgen. Tijdens ons gesprek kwamen er een aantal doelen naar voren, allereerst wil ze zelfstandig haar huishouden kunnen doen en daarnaast haar financin zelfstandig beheren. Voor het doel om haar financin zelfstandig te beheren, zijn er enkele subdoelen vastgesteld. Zo wil ze bijvoorbeeld afblijven van de potjes die ze heeft gemaakt en ervoor zorgen dat het overige geld niet wordt uitgegeven aan extra kleding, maar juist wordt gebruikt om extra te sparen. Ik heb de analyse uitgevoerd volgens de regulatieve cyclus (Kuiper & Zijsling, 2016, pp 24-25).
Mijn advies
Mijn advies voor de clint is om haar afhankelijkheid van haar omgeving te verminderen, zodat ze meer energie kan steken in haar trainingstraject. Hierbij is het belangrijk dat de begeleiding en de clint meer tijd samen doorbrengen om een vertrouwensband op te bouwen. Dit vertrouwen zorgt ervoor dat de clint zich comfortabel voelt om met vragen naar de begeleiding te stappen. Op deze manier kan de begeleiding de clint ondersteunen met haar huishouden en uitbouwen naar dat de clint haar huishouden zelfstandig doet. Zo wordt de clint minder afhankelijk van haar omgeving.
Daarnaast zou ik de clint adviseren om contact op te nemen met de gemeente voor financile ondersteuning. Het kan nuttig zijn om gebruik te maken van budget beheer, wat haar kan helpen om haar financin beter te organiseren en beheren. Door deze stappen te ondernemen, kan de clint zich concentreren op haar trainingstraject. (Oss, z.d.).
Hier gebruik ik experintile en clintgerichte benaderingen bij, door oprecht contact te maken met de clint, zorg ik ervoor dat ze zich gehoord, gezien en gesteund voelt. Dit is iets wat ze haar hele leven heeft gemist, waardoor ze er nu sterk naar verlangt (Brightspace, z.d.). Daarnaast is de psychodynamische benadering ook geschikt voor deze clint. Ze reageert veel vanuit emotie en patronen die haar in het verleden zijn aangeleerd of die ze zelf heeft ontwikkeld. Binnenkort begint de clint met schematherapie, een proces waarin ze leert oude patronen te doorbreken en nieuwe, gezonde patronen te ontwikkelen. Ik ben van mening dat deze therapie zeer waardevol voor haar zal zijn en een positieve invloed zal hebben op haar welzijn (Arntz & Jacob, 2012).
Mijn reflectie
Tijdens het gesprek heb ik gevraagd naar de verwachting van de clint, dit deed ik om een goed beeld te krijgen van wat zij van de begeleiding en het trainingstraject verwacht. Daarnaast stelde ik verdiepende vragen om meer duidelijkheid te krijgen. Mijn houding was actief en ik maakte veel gebruik van non-verbale communicatie om te laten zien dat ik naar haar luisterde, wat bijdroeg aan haar gevoel van erkenning. Uit het gesprek zijn verschillende verbeterpunten gekomen. Zo zou ik meer stiltes kunnen laten vallen en tussendoor vaker samenvatten. Dit kan de clint stimuleren om nog meer te delen, waardoor we dieper op het onderwerp kunnen ingaan. Daarnaast merk ik dat ik minder moet focussen op het bedenken van de volgende vraag en meer op mijn intutie mag vertrouwen.
Volgens het ijsbergmodel zie je iemand die genteresseerd is in de clint, wat gelijk staat aan het topje van de ijsberg. Ik stel veel open vragen en ga dieper in op de antwoorden wanneer dit nodig is. Mijn luisterhouding is actief en ik maak gebruik van non-verbale communicatie om betrokkenheid te tonen. Onder de waterspiegel speelt er meer. Ik ervaar spanning omdat ik me bewust ben dat het gesprek beoordeeld wordt, en ik voel onzekerheid omdat ik niet zeker weet of ik het goed doe. Deze onzekerheid draag ik gedurende het hele gesprek met me mee, en bij bijna alles wat ik zeg, ben ik bang dat ik fouten maak. Mijn doel is dat de clint zich gehoord, gesteund en begrepen voelt. Dit probeer ik te bereiken door vragen te stellen en door non-verbaal te bevestigen wat er gezegd wordt. Tijdens het gesprek voel ik een sterke verantwoordelijk voor mijn clint; ik wil ervoor zorgen dat ze zich veilig voelt en niet het idee heeft dat ze iets verkeerd doet. Aan het eind van het gesprek wil ik duidelijk hebben over wat mijn clint wil bereiken op de Staringstraat. Dit houdt me tijdens het gesprek zo bezig dat ik het lastig vind om mijn volledige aandacht te richtten op wat de clint vertelt. Hierin kan ik mezelf nog verbeteren door deze gedachte wat meer los te laten, zodat ik beter kan luisteren naar wat de clint echt zegt.

Bij mijn clint zie ik aan de buitenkant een zelfverzekerde jongedame die duidelijk weet wat ze wil en aangeeft dat alles goed verloopt. Ze zegt vertrouwen te hebben in de begeleiding en om hulp te vragen als dit nodig is. Maar onder de waterspiegel zie je een andere kant. Vanuit haar jeugd draagt ze een grote onzekerheid met zich mee en heeft ze vaak het gevoel dat ze dingen verkeerd doet. Eerst zegt ze dat het goed gaat met haar huishouden, maar als ik verder doorvraag, vertelt ze dat ze het lastig vindt dat de huishoudelijke ondersteuning maandag tot en met woensdag beschikbaar is. Ditzelfde probleem ervaart ze met haar financin.

Mijn collegas hebben me de volgende feedback gegeven: Ik ontvang mijn clint op een goede manier en leg duidelijk uit wat de bedoeling is. Hoewel ik het spannend vind, ben ik mij bewust van mijn acties. Ik heb een open en actieve luisterhouding, wat positief wordt ervaren. Mijn collegas merkten op dat ik mijn gevoel en ervaring meer in het gesprek had kunnen inbrengen. Mijn collegas waarderen dat ik de feedback heb toegepast in een volgend gesprek. Tijdens het gesprek ben ik nog zoekende naar de juiste woorden vanwege de spanning. Door meer gesprekken te gaan voeren in de toekomst zal het meer vanzelf gaan en hoef ik minder na te deken wat de volgende vraag zal worden.



Roos van Leary
Uit de resultaten van de Roos van Leary-test blijkt het volgende:
Leiding nemend
Een leiding nemend persoon is over het algemeen initiatiefrijk en vriendelijk. Hij of zij heeft oog voor de belangen van de ander en is tegelijkertijd doortastend. Leiding nemende personen zijn in de ogen van anderen vaak welbespraakt, hartelijk en joviaal. Andere typeringen die vaak van toepassing zijn; overtuigend, communicatief, aanwezig. In hun enthousiasme kunnen ze zich wel eens vergalopperen of te druk zijn.
Ik neem snel de leidende rol in een gesprek, dan pakt de tegenpartij de volgende rol. In een gesprek waarbij ik en de clint een praktische taak gaan doen neem ik de ondersteunende rol en de clint de grenzen stellende rol. De clint bepaald wat ze wel en niet kan, ik ondersteun bij de dingen waar de clint hulp nodig heeft (123 test, 2024).
Tijdens het gesprek neem ik hoofdzakelijk de leiding nemende rol aan door vragen te stellen die de clint beantwoordt. Daarnaast vervul ik een ondersteunende rol door het probleem te verhelderen, zodat ik later kan bepalen hoe ik de clint kan ondersteunen bij het oplossen ervan. De clint neemt voornamelijk de rol van de volger aan, omdat zij mijn vragen beantwoordt en de onderwerpen volgt die ik aandraag in het gesprek.


. De tekst moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. De tekst moet in 2000 woorden geschreven zijn.

Answer generated by AI Report answer

Ask a study question and we will try to answer it as best we can.

Ask a question
 
Log in via e-mail
New password
Subscribe via e-mail
Shopping Cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students. <br> Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit