Maak een oefenexamen van de volgende tekst: Les 7: culturele sensitiviteit: deel 2
Leerdoelen:
De belangrijkste begrippen met betrekking tot interculturele sensitiviteit toelichten aan de hand van een voorbeeld
Een casus interpreteren vanuit de theorien rond diversiteitsdenken
Aandachtspunten voor begeleiding formuleren vanuit diversiteitsdenken
4. Cultuurtypen van Lewis
a. Lineair actief
b. Multi-actief
c. Reactief
5. Van verschil naar verbinding
a. Verbinden vanuit empowerment
b. Werken met beschermjassen
c. Werken aan een inclusieve samenleving
Cultuurtypen van Richard Lewis
Ontwikkelde een model om culturele verschillen en communicatiestijlen beter te begrijpen
3 hoofdcategorien
Lineair-actieve culturen: Gericht op taakgeorinteerd werken, - gestructureerd, feitelijk en planmatig communiceren. (Duitsland en Zwitserland)
Multi-actieve culturen: mensen meer flexibel, spontaan en relatiegericht communiceren.
(Itali en Spanje)
Reactieve culturen: mensen reactief zijn, stiltes waarderen, en conflict vermijden om de harmonie te behouden. (Aziatische landen zoals Japan en China)
Mensen zijn meestal niet 100% 1 type. We dragen vaak kenmerken van meerdere types. 1 stijl is meestal dominant
EXAMEN! Lineair-actieve culturen Multi-actieve culturen Reactieve culturen
Communicatiestijl Direct, to the point, doelgericht en duidelijk; weinig ruimte voor vage taal
Enthousiast, expressief en vaak emotioneel; spreekt vaak meerdere onderwerpen tegelijk aan.
Indirect, luisterend en vaak diplomatiek; vermijdt confrontatie en harde uitspraken.
Taakgerichtheid Gefocust op het voltooien van taken n voor n, in een georganiseerde volgorde.
Meerdere taken tegelijk uitvoeren (multitasking); prioriteiten kunnen verschuiven afhankelijk van urgentie.
Focus op relaties en consensus voordat taken worden uitgevoerd; taken kunnen flexibel worden aangepast.
Focus Gericht op efficintie en doelbereiking; prioriteit ligt bij het werk, minder bij sociale interacties.
Gericht op relaties en emoties, met minder nadruk op planning; voorkeur voor spontane interacties.
Gericht op harmonie en het onderhouden van een goede sfeer; resultaten worden bereikt door samenwerking.
Tijdbeheer Strikte naleving van tijd en deadlines; tijd wordt als lineair en kostbaar beschouwd.
Flexibele benadering van tijd; deadlines zijn minder belangrijk dan het voltooien van taken naar tevredenheid.
Minder strikt; tijd wordt niet lineair gezien en kan flexibel worden gebruikt, met geduld als belangrijke waarde.
Organisatie en planning Houdt van gestructureerde en gedetailleerde plannen; werkt met agendas en schemas.
Planning is dynamisch en kan tijdens het werk veranderen; minder hecht aan schemas en formele structuren.
Planning is flexibel, vaak afhankelijk van omstandigheden; gedetailleerde schemas zijn minder gebruikelijk.
Sociale interactie Professioneel en feitelijk, vaak minder gericht op persoonlijke relaties op de werkvloer. Conflicten worden direct aangepakt; discussies zijn vaak open en gericht op probleemoplossing. Persoonlijk en warm; relaties worden als essentieel gezien en zijn vaak een mix van werk en priv.
Relatiegericht; persoonlijk vertrouwen en goede relaties zijn belangrijker dan puur zakelijke efficintie.
Aandachtspunten bij Lewis
Relativiteit van cultuur in het achterhoofd
o Persoonlijke verschillen tussen mensen zijn ook mogelijk. Vb. Duitse samenleving is eerder lineair-actief, maar niet iedereen is lineair-actief.
o Tussen beroepsgroepen ook grote verschillen (artsen vs accountants bijvoorbeeld)
Iedereen heeft eigenschappen van alle types, maar er is er eentje dominant.
Casus: Onderzoeksproject "Mental Health Across Cultures"
Een groep internationale studenten psychologie krijgt de opdracht om samen een onderzoek uit te voeren naar culturele opvattingen over mentale gezondheid. Het doel van het project is om culturele verschillen te identificeren in de perceptie van en het omgaan met psychische aandoeningen, zoals depressie en angst, en om een voorlichtingscampagne te ontwerpen die geschikt is voor een multiculturele doelgroep.
Het projectteam bestaat uit vier studenten, elk uit een ander land: de Verenigde Staten, Zuid-Korea, Itali en Nederland. Omdat het een internationaal onderzoek is, moet er nauw worden samengewerkt, zowel op het gebied van het onderzoeksproces als in de presentatie van de resultaten.
Teamleden:
Emma (VS): Ze is gewend aan een directe, open communicatie en werkt doelgericht. Ze wil graag snel vooruitgang boeken in het onderzoek en verwacht duidelijke taakverdelingen.
lineair-actief
Ji-hoon (Zuid-Korea): Hij hecht veel waarde aan harmonie binnen het team en communiceert liever indirect. Ji-hoon heeft de neiging om conflicten te vermijden en zal zelden openlijk kritiek uiten.
reactief
Giulia (Itali): Giulia houdt van een ontspannen sfeer en hecht veel waarde aan persoonlijke banden met haar teamgenoten. Ze is flexibel en vindt het prettig om ideen spontaan te delen, zonder strikte schema's.
multi-actief
Lars (Nederland): Hij heeft een directe communicatiestijl en waardeert open discussies. Hij vindt het belangrijk dat iedereen zijn mening deelt en werkt graag in een democratische, gelijkwaardige sfeer.
lineair-actief
Problemen die ontstaan tijdens het project:
Directheid in communicatie: Emma en Lars communiceren direct en willen dat iedereen zijn mening snel uit. Ji-hoon voelt zich hierdoor echter ongemakkelijk en vindt het moeilijk om zijn ideen te delen in deze open omgeving.
Besluitvorming en taakverdeling: Emma is gericht op efficinte taakverdeling en verwacht dat teamleden individueel hun deel uitvoeren. Giulia geeft echter de voorkeur aan een flexibelere werkwijze en werkt liever samen aan taken, wat soms de planning verstoort.
Tijd en planning: Lars en Emma willen de voortgang nauwgezet bijhouden en hechten waarde aan deadlines. Giulia daarentegen vindt dat er ruimte moet zijn voor spontane gesprekken en ideen, wat leidt tot vertragingen in het onderzoek.
Gevoeligheid voor kritische feedback: Lars geeft vaak direct feedback, maar Ji-hoon vindt deze aanpak ongemakkelijk en persoonlijk confronterend, wat hem minder geneigd maakt om open te spreken.
Identificeer de drie culturele types uit het model van Richard Lewis:
o Bespreek waar de teamleden onder vallen en waarom. (zie casus)
o Benoem de specifieke culturele verschillen die bijdragen aan spanningen of misverstanden binnen het team. Hoe leiden hun verschillende benaderingen tot conflicten?
Stel oplossingsstrategien voor die rekening houden met de verschillen.
o Creer een hybride communicatiestijl (vermenging van soorten comm. Bv direct en indirect)
o Plan flexibel, maar gestructureerd
o Plan feedback momentjes in om na te gaan of het voor iedereen nog oke is
o Combineren van sterktes (Emma planning opstellen, maar Guilia helpen bij brainstormsessies. Ji-hoon kan als brugpersoon fungeren in conflicten, want hij zoekt harmonie)
Van verschil naar verbinding
Diversity is in the mix. Inclusion is making the mix work
Stimuleren van verbinding van de client met de omgeving en een grotere maatschappelijke participatie
Inclusie kent veel definities:
Sociale inclusie:
o Toenemende participatie van achtergestelde groepen aan sociale voorzieningen en netwerken
o Betekenisvolle manier van samenleven door toename van participatie van ieder individu
Procesinclusie
o Mensen onder de mensen: geen uitzonderingspositie.
o Betrekken van diverse mensen in besluitvormings- en werkprocessen binnen een organisatie of project.
Hoe: 3 benaderingen:
o Empowerment: krachtgericht werken
o Beschermjassen
o Capability-benadering
Empowerment krachtgericht werken
Doel: mensen versterken zodat ze zelf keuzes kunnen maken en kunnen deelnemen aan de samenleving
5 kernaspecten:
Gelijkwaardigheid van personen
Benadrukken van capaciteiten
Wisselwerking tussen omgeving en individu
Personen: wezens met rechten, plichten, belangen en behoeften
Bijzondere aandacht voor de meest disempowered mensen
3 Empowermentsbenaderingen
Individuele benadering
o Sterker maken van individuen binnen eigen sociale context door:
Het versterken van gevoelens van persoonlijke controle
Het ontwikkelen van inzicht en vaardigheden om controle uit te oefenen
Te leren participeren in relevante groepen
Gemeenschapsbenadering
o Initiatieven die gemeenschappen versterken
Bewustmaken van de minderheidspositie waarin mensen zitten
Bevorderen van emancipatie van minderheidsgroepen
Ecologische benadering
o Netwerkbenadering: waar personen en omgeving elkaar overlappen
o Hulpbronnen en sleutelfiguren
Voorbeeld: Stel dat een buurt met een laag inkomen problemen ondervindt op het gebied van werkgelegenheid en onderwijs. Vanuit de ecologische benadering zou empowerment niet alleen gericht zijn op het versterken van de individuele capaciteiten van bewoners (individuele benadering), maar ook op het verbeteren van de werkgelegenheidsmogelijkheden, verbeteren van de buurtvoorzieningen, en bevorderen van samenwerking tussen bewoners en lokale organisaties. Hierdoor worden zowel de directe omgeving van de individuen als de bredere structuren benvloed, wat kan leiden tot duurzame empowerment.
Verbinden op meerdere niveaus
Aansluiten bij en bekrachtigen van mensen in sociaal kwetsbare situaties: 3 uitgangspunten:
1. Empowerment is geen methodiek, maar een paradigma
o Vertrekken vanuit het geloof dat iedereen krachtig is en met de juiste hulpbronnen kan ontwikkelen
2. Empowerment omvat een individuele n een maatschappelijke dimensie
o Sociale actie om actief op de komen voor rechten van maatschappelijk kwetsbare mensen, streven naar sociale rechtvaardigheid. Persoonlijke en sociale empowerment gaan hand in hand
3. Empowerment heeft aandacht voor de binnenwereld van mensen
o Rekening houden met verinnerlijke machteloosheid (learned helplessness) door eerdere, niet-rechtvaardige situaties
Beschermjassen - vertrouwdheid als krachtbron
= Werkwoord: iemand tijdens een moeilijke periode inbedden in iets vertrouwd.
= Zelfstandig naamwoord: veilige omhulling
Geborgenheid zoeken in het vertrouwde, het bekende
In tijden van angst en onzekerheid bieden beschermjassen veiligheid en verbinding
Werken met beschermjassen
Omhullen met/inbedden in vertrouwde omstandigheden
wij-gerichte families en culturen: welke familieleden worden best betrokken in het proces van mijn clint
Krachtbronnen
Hoe kunnen we de werking van de familiestructuur gebruiken: wat werkt?
Oplossingsstrategien
Welke strategien (rituelen, overgangsmomenten) worden er al gebruikt binnen een bepaalde cultuur?
Versterken van inbedding in sociale en culturele context
Interviewvragen over een eigen thema
Over welk thema wil je bevraagd worden?
Wie in de generaties hebben een relatie met dit thema?
Welke themas komen nog meer naar boven, nu we hierover in gesprek zijn?
Welke wijsheid is er in de familie met betrekking tot dit thema?
Welke wijsheid heb je overgenomen?
Wie heeft er helemaal niets met dit thema?
Wat zou die persoon adviseren als je er niet uitkomt?
Herken je je in je voorouders en wat draag je van hen bij je?
Welke familietrekjes herken je bij je grootouders, ouders, je broer, zus, kinderen en jezelf?
Hoe wordt er door de familie naar gekeken?
Capability-benadering
= Legt de focus op wat mensen kunnen doen en kunnen zijn om een betekenisvol leven te leiden.
Kernideen:
Focus op vermogens: het welzijn van mensen wordt bepaald door hun vermogen om die dingen te doen en die vormen van leven te realiseren die zij waardevol achten.
Vrijheid en Mogelijkheden: het is belangrijk dat mensen daadwerkelijk de vrijheid hebben om keuzes te maken, ongeacht of ze die keuzes uiteindelijk maken. Deze vrijheid omvat niet alleen formele rechten, maar ook toegang tot middelen en omstandigheden die nodig zijn om betekenisvolle keuzes te maken.
Rekening Houden met Verschillen Tussen Mensen: erkennen dat mensen verschillen in hun capaciteiten en behoeften, bijvoorbeeld door leeftijd, geslacht, gezondheid of fysieke beperkingen. Daarom moeten sociale instituties en beleid rekening houden met deze verschillen om iedereen een gelijke kans te geven op een goed leven.
Brede Maatstaven voor Welzijn en Ontwikkeling In plaats van zich te richten op economische indicatoren zoals het bruto binnenlands product (BBP), stelt de capabilitybenadering voor maatstaven die rekening houden met de kwaliteit van leven, zoals toegang tot onderwijs, gezondheid, politieke rechten en sociale relaties.
Inclusie en de capabilitybenadering
Stel: Op een middelbare school in een multiculturele wijk zitten leerlingen uit verschillende culturele achtergronden, waaronder veel kinderen met een migratieachtergrond. Hoewel de school een open en divers karakter heeft, is het onderwijs sterk gebaseerd op de dominante cultuur van het land. Dit betekent dat de geschiedenis, literatuur en maatschappijleer vanuit n cultureel perspectief worden gegeven. Leerlingen met een migratieachtergrond hebben hierdoor vaak moeite om aansluiting te vinden, ervaren een gebrek aan erkenning van hun eigen culturele erfgoed, en sommige ouders voelen zich buitengesloten van het schoolleven vanwege taalbarrires of een andere kijk op opvoeding en onderwijs.
Inclusief werken betekent verder kijken dat naar de loutere aanwezigheid van diversiteit:
Welke mogelijkheden hebben de leerlingen om gehoord en gezien te worden?
Hoe krijgen ze toegang tot leeromgeving die hun culturele identiteit respecteert?
Diversiteit in het curriculum: Invoeren van een curriculum dat ruimte biedt aan verschillende culturele perspectieven, zoals literatuur uit verschillende werelddelen, aandacht voor wereldgeschiedenis, en bespreking van diverse culturele waarden. Dit geeft migrantenleerlingen de mogelijkheid om zich te herkennen in het onderwijs
Taalondersteuning: Extra taalondersteuning voor leerlingen en hun ouders om eventuele taalbarrires te verminderen, zoals bijles in Nederlands voor leerlingen en vertaalde communicatie voor ouders.
Cultuuractiviteiten en uitwisselingen: Organiseren van culturele evenementen waarbij leerlingen hun erfgoed kunnen delen, zoals een multiculturele dag, waar verschillende culturele tradities, verhalen en maaltijden worden uitgewisseld. Dit bevordert wederzijds begrip en respect.
Ouderbetrokkenheid: Programmas om ouders actief bij het schoolleven te betrekken, bijvoorbeeld door ouderbijeenkomsten in meerdere talen aan te bieden en aandacht te besteden aan culturele verschillen in opvoeding en communicatie. Ouders voelen zich hierdoor meer welkom en gewaardeerd, wat hen aanmoedigt om actief deel te neme
Werken aan inclusie
Alex, een 22-jarige jongeman met een licht verstandelijke beperking, woont nog thuis bij zijn ouders. Hij heeft moeite met het vinden van een baan, en hoewel hij graag zelfstandig zou willen wonen, zijn zowel hijzelf als zijn ouders bezorgd over hoe hij deze verantwoordelijkheid zou kunnen dragen. Alex voelt zich vaak onzeker en afhankelijk van de hulp van zijn ouders, wat zijn zelfvertrouwen benvloedt.
Wat zijn aandachtspunten of begeleidingsmogelijkheden vanuit het idee van empowerment?
o Individueel: versterken van zijn zelfvertrouwen + begeleiding bij vaardigheden voor zelfstandigheid (koken, administratie, werk zoeken,)
o Ecologisch: samenwerking tussen ouders, sociale diensten en jobcoaches + wonen in begeleid-wonen context kan een mogelijke tussenstap zijn.
Bekeken vanuit de capability-benadering, wat zouden nog mogelijkheden zijn?
o Rele keuzes mogelijk maken: A. moet kunnen kiezen voor zelfstandig wonen dat vraagt begeleiding, betaalbare woonvormen, ondersteuning
o Toegang tot hulpbronnen: jobbegeleiding, woonondersteuning, rechtenkennis
o Aandacht voor verschillen: aangepste comm. en benadering afgestemd op zijn beperking.
. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 20.
Ask a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a questionAsk a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a question