Studybot answer

Ask a question ›
 
Question asked by: axgato - 12 months ago

Maak een oefenexamen van de volgende tekst: 2 Bedrijfsvoering, niet zo eenvoudig
2.1 Vertrouwen als grondregel
Vertrouwen is van belang:
- Op basis hiervan bouwt een bedrijf zijn relaties op waarmee hij samen werkt: klanten, leveranciers, werknemers,)
- Essentieel om de economie draaiende te houden.
- Van belang voor het imago en daardoor ook de corporate brand.
2.1.1 Bundel van relationele contracten
Bedrijfsvoering kunnen we daarbij beschouwen als het goed onderhouden van relationele contracten, gebaseerd op vertrouwen
Elk bedrijf heeft een aantal relationele contracten. Zo een contract is een vorm van samenwerking of cordinatie die door partijen via samenwerking in stand wordt gehouden. Het versterkt zichzelf tijdens de uitvoering hiervan. Een aantal elementen in de relatie worden juridisch vastgesteld.
Bedrijfsvoering is dus ook het onderhouden van relationele contracten op basis van vertrouwen.
De partijen waarmee een bedrijf relationele contracten onderhoudt (vertrouwensrelaties), noemen ze stakeholders.
2.2 Stakeholders vs stockholders
- Stakeholder: alle belanghebbenden rond een organisatie. Ze hebben op een bepaalde manier een interesse in de organisatie. Dat zijn mensen of groepen die invloed hebben op, of benvloed worden door wat het bedrijf doet.
o Eigenaars
o Gemeenschap
o Crediteurs
o Leveranciers
o Overheid
o Klanten
o Managers
o Werknemers
o Aandeelhouders (stockholders)
- Stockholders zijn dus de aandeelhouders, ze zijn dus de eigenaars of aandeelhouders, die rechtstreeks mee verdienen aan de business. Hun belangrijkste belang: rendement op investering.
Alle stockholders zijn stakeholders, maar niet alle stakeholders zijn stockholders.
2 modellen: Stockhholdermodel en stakeholdermodel
1. Stockholdermodel (oude dominante model, vooral VS/UK tot 2008)
Focus ligt op: winst maximaliseren voor aandeelhouders
Andere stakeholders (werknemers, maatschappij) zijn secundair
Bekend door econoom Milton Friedman
Idee: Als bedrijven winst maken, komt dat automatisch de rest ten goede
Voorbeeld:
Een bedrijf ontslaat 20% van het personeel om de winst op te krikken goed volgens stockholdermodel.
2. Stakeholdermodel (meer gedragen in Europa, sinds 2008 opmars wereldwijd)
Focus ligt op: evenwicht tussen belangen van lle stakeholders
Bedrijven zijn ingebed in de maatschappij, dus moeten verantwoordelijkheid nemen
Winst blijft belangrijk, maar niet als enige doel
Voorbeeld:
Een bedrijf kiest voor duurzame leveranciers, ook al is dat iets duurder goed volgens stakeholdermodel
Tot 2008 was het stockholders model ht model bij uitstek en dan voornamelijk in de US en UK. Deze visie was eenvoudig: het zijn de stockholders, die de stakeholders betalen. In Europa is deze visie minder sterk.
Reeds jaren is er discussie tussen voorstanders van een stockholdermodel (diegenen die het primaat leggen bij de aandeelhouders) en de voorstanders van het stakeholders model.
Een redelijke stelling poneert ondertussen dat het doel van een bedrijf het maximaliseren van de aandeelhouderswaarde is, binnen de grenzen die door de stakeholders gesteld worden
Tot 2008 leek het de norm dat bedrijven vooral met rust moesten gelaten worden.
De vrije markt scheidde automatisch de goede van de slechte bedrijven en niemand moest zich daarmee bemoeien
Men ging er van uit dat het superieure economische spel uiteindelijk zou zorgen voor de opbouw van knowhow in arme streken, de lonen voor de mensen automatisch zullen stijgen, de bevolking geschoold geraakt, enz.
Maar plots bleek de vrije markt niet in staat de zuiverste van de markten, met name de financile markt te regelen.
Verschillende sectoren werden daardoor de facto genationaliseerd.
Het debat over de toekomst van het kapitalisme brak plotseling in alle hevigheid open!
De financile crisis toonde dat markten niet altijd zichzelf reguleren.
Lehman Brothers ging failliet bijna totale instorting van het financile systeem.
Overheden moesten tussenkomen en zelfs sectoren nationaliseren (overnemen).
De blinde focus op aandeelhouderswaarde faalde spectaculair.
Dit zorgde voor hernieuwde aandacht voor het stakeholdermodel.
Bedrijven functioneren alleen goed in een goed draaiende samenleving:
o Goed opgeleide werknemers
o Goede infrastructuur
o Betrouwbaar rechtssysteem
Overheid en bedrijven zijn dus onderling afhankelijk.
De overheid rekent op bedrijven voor:
belastingen, jobs, innovatie, investeringen.
Bedrijven rekenen op de overheid voor:
onderwijs, wegen, regelgeving, veiligheid.
Een bedrijf heeft op de eerste plaats een relationeel contract met de maatschappij.
Bedrijven moeten van die maatschappij een licence to operate krijgen
Bedrijven die landmijnen maken, herone versnijden, cadmium in de bodem dumpen, enz. hebben geen licence to operate. Deze extreme voorbeelden mogen niet verbergen dat dagelijks bedrijven hun licence to operate verliezen (meestal omdat ze failliet gaan)
Een bedrijf kan niet zomaar doen wat het wil.
Het moet een licence to operate hebben een soort maatschappelijk mandaat.
Geen licence to operate:
Bedrijven die landmijnen maken, drugs verhandelen, milieu vervuilen.
Wel licence to operate:
Bedrijven die werkgelegenheid bieden, eerlijk handelen, milieubewust zijn.
Zelfs normale bedrijven verliezen soms die licentie:
Bijvoorbeeld door wanbeleid, reputatieschade, sociale boycots of faillissement.

Langs de andere kant heeft de overheid lang niet ingezien dat bedrijven hun belangrijkste stakeholder zijn
Ze betalen belastingen over hun winsten, werknemers betalen belastingen over hun loon, consumenten betalen BTW op hun producten, enz.
Al bij al legt de overheid 50% beslag op de bedrijven
Bedrijven hebben naast dit fundamentele maar meestal minder zichtbare relationele contract met de overheid ook meer zichtbare contracten met haar primaire stakeholders:
zoals reeds eerder gesteld: de stockholders, het personeel, de klanten, de leveranciers.
Vaak wordt vergeten dat de overheid een belangrijke stakeholder is van een bedrijf en dat bedrijven een belangrijke stakeholder is van de overheid. Bedrijven hebben de overheid nodig voor goede wegen, ziekenhuizen, de overheid heet bedrijven nodig omwille van de balastingsinkomen van de werknemers, winsten en btw dat op de producten betaald worden.

- Primaire stakeholders: zijn van redelijk tot groot direct belang voor een organisatie, zoals werknemers, leveranciers en lokale overheden.
- Secundaire stakeholders: zijn belanghebbenden die geen direct belang hebben bij de organisatie maar wel van invloed kunnen zijn op het bedrijf. Internationale organisaties, de Europese Unie maar ook media zijn hier voorbeelden van.
o Concurrenten
o Journalisten van zakenbladen
o Zakenbladen
. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is onbeperkt.

Answer generated by AI Report answer

Ask a study question and we will try to answer it as best we can.

Ask a question
 
Log in via e-mail
New password
Subscribe via e-mail
Shopping Cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students. <br> Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit