Maak een oefenexamen van de volgende tekst: Toedienen van gefractioneerde heparine
Heparine is een geneesmiddel dat valt onder de geneesmiddelengroep van antitrombotische middelen (subklasse: anticoagulantia of antistollingsmiddelen), in de volksmond bloedverdunners genaamd.
Heparine werkt 2-ledig:
het remt de bloedstolling waardoor stolsels voorkomen worden
het helpt de afbraak van bloedstolsels door middel van fibrinolyse (= het proces waarbij een bloedstolsel langzaam wordt afgebroken)
Indicaties
Een subcutane injectie met een heparinepreparaat wordt gegeven aan een clint om te voorkomen (preventief) dat er bloedstolsels in de bloedvaten worden gevormd of om reeds aanwezige bloedstolsels op te lossen (curatief).
Curatief Bij trombo-embolische aandoeningen is er sprake van een stolsel in een ader, meestal van een been (trombose). Wanneer een stolsel een diepliggende ader in het been afsluit, kan het bloed niet meer goed uit het been terugstromen naar het hart. Het kan ook zijn dat er in zon geval een stukje van het stolsel loskomt, dat door de bloedstroom meegenomen wordt naar het hart. Daarna stroomt het door naar de longen. Het stolsel kan dan een bloedvat in de longen afsluiten. Dit is een longembolie.
Diep veneuze trombose
Dit is een bloedklonter gevormd in een grote ader, vaak in de benen of het bekken. Een trombose is gevaarlijk omdat de klonter, als hij door plotse druk loskomt, via het hart in een bloedvat van de longen terechtkomt. Daar kan de klonter een longembolie veroorzaken.
Een diep veneuze trombose kan je herkennen via volgende symptomen:
zwelling van de kuit of het hele been;
verkleuring van het been (roodpaars);
huid voelt warm aan;
strakke en glanzende huid;
pijn in de kuit of het been.
Longembolie
Hier sluit een kleine longslagader af. De longen werken minder efficint, waardoor er minder zuurstofgas in het bloed opgenomen wordt.
Een longembolie kan je herkennen via volgende symptomen:
benauwdheid;
pijn bij (diep) ademhalen;
shockverschijnselen (zweten hoge bloeddruk, hoge hartslag);
hoesten (soms bloed);
een snelle hartslag;
koorts;
dit kan leiden tot de dood.
Preventief
Langdurige immobiliteit in geval van een ingreep.
Clinten met een verhoogd risico: die een tijd (> 3dagen) immobiel zullen zijn.
Bij lange vliegtuigreizen (>6u) voor clinten meteen gekende stollingsziekte of een verleden van trombo-embolische aandoeningen.
Clinten met kanker hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van bloedklonters.
Bevoegdheid zorgkundige
Het subcutaan toedienen van een heparinepreparaat gebeurt steeds op voorschrift van een arts.
Als zorgkundige ben je bevoegd voor het toedienen van een subcutane inspuiting van gefractioneerde heparine. Alle ander vormen van inspuitingen vallen onder de bevoegdheid van de verpleegkundige.
Het toedienen van een subcutane injectie met heparinepreparaat is een toevertrouwde verpleegkundige handeling die steeds gedelegeerd wordt door een verpleegkundige.
Een zorgkundige mag enkel een heparinepreparaat toedienen indien de medicatie werd voorbereid en gepersonaliseerd door de een verpleegkundige of apotheker.
Soorten toedieningswijzen
Een inspuiting kan op verschillende manier toegediend worden.
Opdracht: Bekijk het figuur en vervolledig de tabel.
I.M.
S.C.
I.V.
I.D.
Een voorbeeld van een gefractioneerde heparine spuit.
De subcutane inspuiting
Sub betekent onder en cutaan met betrekking tot de huid. Met andere woorden men dient een inspuiting toe in het onderhuids bindweefsel, ook subcutis genoemd.
De huidlagen
Het voordeel van een subcutane injectie is dat de resorptie (= opname) van deze weg traag is omdat er een relatief beperkte bloeddoorstroming is. Zo bekomt men spreiding in tijd van de werking van het geneesmiddel.
Controle medicatie
Doorloop de controlepunten voor het toedienen van medicatie.
Tijdstip van toediening
Een subcutane inspuiting met heparinepreparaat wordt meestal n keer per dag toegediend. Hoelang en hoeveel (dosis) zal de behandelende arts steeds duidelijk in het voorschrift vermelden. Het maakt niet echt uit op welk tijdstip van de dag de inspuiting wordt toegediend, maar het is wel belangrijk dat de inspuiting elke dag op hetzelfde tijdstip wordt toegediend.
Vraag: waarom is het belangrijk om steeds op hetzelfde tijdstip de medicatie toe te dienen?
Loodrechte toediening
Het toedienen van een subcutane inspuiting kan op twee manieren: loodrecht of onder een hoek van 45 graden. Heparinepreparaten worden altijd loodrecht ingespoten.
Hoek 45 graden
Loodrecht
Toedienen van heparinepreparaten
Plaatsbepaling
De buik geniet de voorkeur bij het toedienen van de subcutane injectie. Het subcutaan weefsel is daar gemiddeld meer dan 25mm. Inspuiten kan onderin de buikstreek, wisselend links en rechts van de navel (rotatieprincipe). Zo voorkom je de kans op weefselbeschadiging. Zorg dat je een afstand bewaard van 5cm (- 3 vingers) van de navel. Binnen de zone van deze 5 cm bevinden zich zenuwen en bloedvaten wat het inspuiten pijnlijker maakt. Alsook is er littekenweefsel aanwezig waardoor het geneesmiddel niet goed zal worden opgenomen.
Naast de buik kan je ook een subcutane injectie in de bovenbenen toedienen. In het middelste gedeelte van de benen aan de buitenkant. De binnenkant van het been is te gevoelig en er lopen grotere bloedvaten vlak onder de huid.
Injecteer niet op plaatsen met een hematoom, littekenweefsel, verhard huidweefsel of waar er tekenen van infectie en oedeemvorming zijn.
Met huidplooi
Bij het toedienen van gefractioneerde heparine maak je een huidplooi bij de clint. Dit zorgt ervoor dat de medicatie in het subcutaan weefsel wordt ingespoten en niet in het spierweefsel.
Reinigen of desinfectie van de huid
Reinigen en/of desinfectie van de huid is niet noodzakelijk voor zover het huidoppervlak proper en droog is op het moment van de inspuiting.
Indien desinfectie toch aangewezen is gebruik dan producten met een alcohol oplossing van 70% of chloorhexidine 0,5%. Dit zijn de meest gebruikte antiseptische middelen voor de desinfectie van gezonde huid. Bij desinfectie dien je de contacttijd te respecteren. De contacttijd stelt het desinfectiemiddel in staat zijn werk te doen, namelijk bacterin doden.
Volg de richtlijnen van de zorgvoorziening.
Manipulatie spuit
Neem de spuit vast in de hand waarmee je schrijft (zoals je een potlood vasthoudt). Geef de inspuiting met je dominante hand.
Circulair ontsmetten, van binnen naar buiten toe.
Luchtbel injecteren
De luchtbel niet verwijderen. Breng de luchtbel tot tegen de stamper
door de naald naar beneden te houden en lichtjes tegen de spuit
te kloppen. De luchtbel zorgt er voor dat de volledige vloeistof
wordt ingebracht en er geen terugvloei van medicatie kan gebeuren.
Opdracht: teken waar de luchtbel zich moet bevinden alvorens
je gaat injecteren.
Injecteren van de vloeistof
Spuit de vloeistof langzaam in, ongeveer 10 seconden per milliliter (ml). Te snel inspuiten kan pijn of ongemak veroorzaken bij de clint.
Wacht minstens 5 seconden (10 tellen) en trek dan de naald pas terug en laat de huidplooi los.
Observeer de huid op terugvloei van medicatie. Indien er sprake is van terugvloei kan dit zijn omdat men niet lang genoeg heeft gewacht bij het verwijderen van de naald of men te hard in de huidplooi heeft geknepen, waardoor er geen optimale resorptie mogelijk was.
Na het geven van de inspuiting de prikplaats niet masseren. Dit kan kneuzingen en hematomen veroorzaken. Bij eventuele bloeding zachtjes druk uitoefenen (echter dien je dit zoveel mogelijk te vermijden).
Preventie van prikongevallen
Deponeer de injectienaald onmiddellijk in de naaldcontainer.
RECAP NOOIT ! = de huls terug op de injectienaald plaatsen
Er bestaan injectiesystemen waarbij er een huls over de naald getrokken kan worden na het geven van de injectie.
Voorbeelden gefractioneerde heparine. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is onbeperkt.
Ask a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a questionAsk a study question and we will try to answer it as best we can.
Ask a question