Studybot answer

Ask a question ›
 
Question asked by: Jellec07 - 2 years ago

Maak een oefenexamen van de volgende tekst: 3. Excreterende functie van de nier (deel 2)

Stikstofhoudende metaboliet
Evaluatie nierfuncties
o Ureum en creatinine
o Meten in serum en urine
o Urinezuur minder belangrijk
Niet alle N-houdende metabolieten zijn voor de nierfuncties
o NH3 is voor de lever
Bij nierfalen [] in serum
o Patint is uremisch
o Stoffen zijn uremische retentiestoffen
o Totale klinisch beeld: uremisch syndroom
Algemeen voor staalnames:
o Staal in diepvries: plasma
Serum moet 10 stollen en duurt te lang
o Nadeel plasma: vergissing mogelijk door verkeerd anticoagulans
3.1. Bepaling van ureum
Uremie: [ureum] in serum
o Oorzaken:
Prerenaal:
meer eiwitten afgebroken
o Meer opname of spierafbraak
Minder water in het lichaam diurese
o meer TR van ureum door []-gradint
hartdecompensatie: doorbloeding nieren
renaal:
nierziekten: GF
postrenaal:
obstructies door nierstenen, gezwollen prostaat of tumoren
o druk in de nieren diurese
o besluit:
uremie : 3 mogelijke oorzaken
pas nuttig indien gecombineerd met creatininemie
uremie : 2 oorzaken
prerenaal: eiwitkatabolisme bij mindere inname
renaal: tubulaire problemen TR
o staalname en bewaring
verse urine: ureum NH3 door urease en bacterin
koel bewaren en snel bepalen
o bepalingen:
colorimetrisch door vorming van geel Diazine (ureum + diacetyl)
directe methode
o NH3 geen interferentie
Bepaling via NH3
Indirece methode
Ururie: [ureum] in urine
Ureum volgens passieve TR

3.2. Bepaling van creatinine
Uitgescheiden door GF en TS
Creatininemie enkel bij ernstige nierdysfuncie
o Weinig klinisch relevant
o Meer relevant met uremie
Geen evaluatie van nierfuncties door enkel creatinurie
Meer spiermassa is een hogere creatinineproductie
o Inter individuele variabiliteit is tussen 1-2g per dag
Meer bij mannen dan vrouwen
o Inter-individuele variabiliteit is klein
Biologische variabiliteit : Intra-individuele + Inter-individuele
o Niet hetzelfde als de analytische variabiliteit
Standaardiseren volgens IKZ
Moet zo gering mogelijk zijn
Prerenale problemen: (in serum)
o Protene rijke voeding: ureum , creatinine N
o Protene arme voeding: ureum , creatinine N
o Protene katabolisme : ureum , creatinine N
o Diurese : ureum en creatinine in serum
Door dehydratatie of slechte doorbloeding
Renale problemen:
o Glomerulair: GF
Ureum , creatinine N of
o Tubulair: TR
Ureum , creatinine N
o Tubulair: TS
Ureum N, creatinine soms
o Zelden enkel tubulaire problemen
Post-renale problemen
o RK
Ureum en creatinine
GF, TS, TR
Staalname:
o Serum of plasma
o Koel bewaren en eventueel invriezen

Principe van de bepaling
o Jaffe:
Goedkoop maar interferentie door niet-creatinine chromogenen
Overschatting van 10%
Creatinine-picraat complex, rood
o Enzymatisch
Duurder maar geen interferentie door niet-creatinine chromogenen
o Referentiemethode:
HPLC (High Pressure Liquid Chromatography)
Duur en arbeidsintensief

3.3. Bepaling van urinezuur
Belangrijkste eindproduct katabolisme purinebasen adenine en guanine:
o Voedsel (exogeen)
o Afbraak en opbouw DNA/RNA (endogeen)
Per dag van het urinezuur in ons lichaam vervangen
Urinezuur = uric acid uricemie
Hyperuricemie door productie van urinezuur of urinaire excretie
o of combinatie van beiden
pre-renaal:
o familiale overproductie
o turn-over van nucleoprotenen
Masale celafbraak (tumorcellen bij chemo)
o inname van nucleoprotenen
Eten ven lever, nier, etc
Renaal:
o renale insufficintie -> RK (GF en/of TS )
TR ook benvloed door [ ] gradint
Post-renaal
o RK
Jicht
o Kan zijn door hyperuricemie
o Daarom geen echte nierfunctietest
Te veel mogelijke oorzaken buiten de nieren
Staalname
o Koel bewaren
o Urine, plasma of serum
Principe voor meting:
o Gekleurd door peroxidase (enzymatisch)

3.4. Bepaling van creatine
Gesynthetiseerd in de lever uit 3AZ
o Energievoorraad voor de spieren
Wetenschappelijk onderzoek in de spieren
Bepaling:
o Onrechtstreeks: omzetting van creatine creatinine
o Enzymatisch
o Indirecte methode: creatine NH3 (dit wordt bepaald)
. De oefenexamen moet geschreven zijn in de Nederlandse taal. Onderin staan de antwoorden. Het aantal vragen dat het oefenexamen moet bevatten is 10.

Answer generated by AI Report answer

Ask a study question and we will try to answer it as best we can.

Ask a question
 
Log in via e-mail
New password
Subscribe via e-mail
Shopping Cart

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

Deal: get 10% off when you purchase 3 or more items!

[Inviter] gives you € 2.50 to purchase summaries

At Knoowy you buy and sell the best studies documents directly from students. <br> Upload at least one item, please help other students and get € 2.50 credit.

Register now and claim your credit