Use the 58 quiz questions to prepare yourself and test whether you know the subject matter.
Buy the quiz questions and be prepared for your next test.
Add to cartVerschil vaste stoffen, vloeistoffen en gassen op moleculair niveau.
Vast: Moleculen bewegen niet veel en trekken elkaar aan, waardoor ze dicht bij elkaar blijven.
Vloeibaar: de moleculen bewegen in alle richtingen en de deeltjes zitten minder dicht op elkaar, hebben geen vaste plek meer.
Gas: de deeltjes bewegen in alle richtingen. Geen aantrekkingskracht meer, er is meer ruimte tussen de deeltjes.
input text value
Definitie zuivere stof
een bepaalde stof dat uit 1 soort moleculen bestaat
input text value
Stofeigenschappen, gewicht, smeltpunt, geur, kleur, kookpunt, stollingspunt
Stofeigenschappen: bepaalde eigenschappen van een stof waaraan je de bepaalde stof kunt herkennen, bijvoorbeeld, geur, kleur, gewicht, smelt, kook- en stollingspunt.
Smeltpunt: Een bepaalde temperatuur waarbij de stof vloeibaar wordt
Kookpunt: de hoogste temperatuur wat een stof kan bereiken
Stollingspunt: temperatuur waarbij een stof gaat stollen (van vloeistof naar vast)
input text value
overgangsfasen
Vloeibaar-gas, verdampen
gas-vloeibaar, condenseren
gas-vast, rijpen
vast-gas, sublimeren (vervluchtigen)
vast-vloeibaar, smelten
vloeibaar-vast, stollen
input text value
Dichtheid en gewicht
Dichtheid: de ruimte tussen de moleculen in een stof
Gewicht: Bij een kleinere dichtheid, weegt een stof meer dan bij een grotere dichtheid
input text value
Eigenschappen van water
1) water als oplosmiddel
2) de opwaartse kracht van water
3) de oppervlaktespanning van water
input text value
De 3 soorten mengsels + eigenschappen
Oplossing: Een mengsel van vloeistoffen, of van een vaste stof met een vloeistof. bv suikerwater.
Kleur is een eigenschap van een oplossing. Het is vaak helder en doorzichtig, maar kan ook gekleurd zijn.
Suspensie: Een mengsel van een vaste stof en een vloeistof, waarbij de vaste stof niet is opgelost. bv modderwater
Eigenschap- Het is altijd troebel en ondoorzichtig.
Emulsie: Een mengsel van 2 vloeistoffen die niet goed mengbaar zijn. Door een emulgator wordt het vet in fijne druppels verdeeld, waardoor het in de waterige substantie blijft zweven. bv melk
Eigenschap- Zwevend vet op de waterige substantie.
input text value
Buy the quiz questions and be prepared for your next test.
Add to cart
Do you prefer to learn the quiz questions from paper? Then download the 58 questions as PDF.
Add to cart
Earn money by making quiz questions and learn directly for your upcoming test.
Create quizOefenvragen kennen en kunnen van H5 'natuurkundige verschijnsels' tentamen 1 van jaar 1
58 questions
Nederlands
10-26-2023
HBO / Thomas More Hogeschool / Leraar Basisonderwijs / Natuur
Natuuronderwijs inzichtelijk - Carla Kersbergen, Amito Haarhuis
De 3 verschijningsvormen
Vast, vloeibaar en gasVerschil vaste stoffen, vloeistoffen en gassen op moleculair niveau.
Vast: Moleculen bewegen niet veel en trekken elkaar aan, waardoor ze dicht bij elkaar blijven.Definitie zuivere stof
een bepaalde stof dat uit 1 soort moleculen bestaatStofeigenschappen, gewicht, smeltpunt, geur, kleur, kookpunt, stollingspunt
Stofeigenschappen: bepaalde eigenschappen van een stof waaraan je de bepaalde stof kunt herkennen, bijvoorbeeld, geur, kleur, gewicht, smelt, kook- en stollingspunt.overgangsfasen
Vloeibaar-gas, verdampenDichtheid en gewicht
Dichtheid: de ruimte tussen de moleculen in een stofEigenschappen van water
1) water als oplosmiddelDe 3 soorten mengsels + eigenschappen
Oplossing: Een mengsel van vloeistoffen, of van een vaste stof met een vloeistof. bv suikerwater.Scheiden van mengsels en de verschillende methodes
Opwaartse kracht + experiment uitleggen bootje
Oppervlaktespanning
Eigenschappen van lucht, druk in een pneumatisch systeem
Invloed van temperatuur op lucht
Werking van magneten+ nut in een kompas
Polen van een magneet
De aarde als magneet
Magnetisch veld
Verband magnetisme door elektriciteit
Werking elektromagneet, hoe je een elektromagneet sterker kunt maken & de voordelen van een elektromagneet
Statische elektriciteit
elektrische stroom als energievorm (stroomsterkte)
werking elektriciteit als stroom
Stroomkring (van 1 naar +), stroombron, koperdraad, stroom, gesloten vs open stroomkring.
Geleiding, isolators en hun verschillen
Weerstand in geleiders
Kortsluiting definitie
Definities:
- Volt
- Ohm
- Ampère
Rekenen met kilowattuur (kWh)
Wat doet een zekering in de stoppenkast?
Waarom moet een stroomnet in huis geaard zijn?
wat is geluid?
Verplaatsing van geluid, drukgolf, geluidssnelheid
Geluidssterkte en bijbehorende golven en termen
Geluidshoogte en bijbehorende golven en termen
Klankkleur en boventonen
Echo, demping
Lichtbron, wit licht
Werking van kleuren zien (weerkaatsen vs absorberen)
Schaduwen
Verschil tussen weerkaatsing op een glad en ruw oppervlak kunnen noemen
Breking van licht door lucht vs stoffen als glas, water of lucht (rietje)
Werking bolle en holle lens
Verziend oog en een bijziend oog (+ noemen welke type lens kan helpen om het probleem op te lossen)
Breking van wit licht in kleuren (regenboog), werking van een prisma
Primaire lichtkleuren en het mengen van kleuren
uitleggen dat je een kracht niet kan zien alleen de werking ervan
voorbeelden van krachten
voorbeelden van uitwerkingen van kracht noemen
de 3 wetten van Newton kennen en kunnen uitleggen
Luchtdruk
Onderdruk
Bovendruk
Protonen
elektron
neutron
4 spanningsbronnen + uitleg spanningsbron
Parallelschakeling & serieschakeling
Frequentie
Ik ben 1e jaars pabo studente. Alle samenvattingen en oefenvragen heb ik zelf gemaakt! Hiermee heb ik al verschillende toetsen mee gehaald!